Lees meer...

Gratis E-maildiensten!

Ontvang GRATIS dagelijks reflecties en meer via e-mail!

Dagelijkse Overdenking
Wat Jezus Deed
Dagelijks Christelijke Quote
Dagelijks Bijbelvers

 

Wat Jezus Deed

Donderdag 28 maart 2019

 

Lukas 6:21a

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"Zalig zijt gij, die nu hongert; want gij zult verzadigd worden."

"Gelukkig u die nu honger lijdt, want God zal u verzadigen"

"Gelukkig jullie die honger hebben, want je zult verzadigd worden."

"Gelukkig jullie die honger hebben, want je zult verzadigd worden."

"Gelukkig zijn zij die nu honger hebben, want hun honger zal worden gestild."

 

Overdenking van vandaag:

We hebben allemaal honger. Ja, we hebben de dagelijkse fysieke honger, maar deze lichamelijke honger moet ons attenderen op een diepere honger: we hebben honger naar God. Soms proberen we troost te vinden in fysiek voedsel ter compensatie van de honger die we voelen in onze zielen.  

Echter, er is een plaats in ieder van ons dat verlangt naar God, dat begeert naar zijn aanwezigheid en dat hunkert voor zijn volheid. Als we onze honger naar God erkennen, dan kunnen we tevreden zijn - hij zal naar ons komen en zijn thuis maken in ons.

 

Gebed:

O Vader, geef mij deze dag het dagelijks brood dat ik nodig heb voor mijn lichaam. Bovendien, Hemelse Vader, geef mij het levende brood van uw aanwezigheid in Jezus dat mijn ziel voedt en mijn leven ondersteunt. Help me te erkennen, Hemelse Vader, dat ik hongerig ben naar u. Alstublieft, kom mijn leegte vullen, mijn gebrokenheid genezen en voed mijn ziel. In Jezus' naam wil ik bidden. Amen.

 

Contekst: Lukas 6:17-26

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"En met hen afgekomen zijnde, stond Hij op een vlakke plaats, en [met] [Hem] de schare Zijner discipelen, en een grote menigte des volks van geheel Judea en Jeruzalem, en van den zeekant van Tyrus en Sidon; Die gekomen waren, om Hem te horen, en om van hun ziekten genezen te worden, en die van onreine geesten gekweld waren; en zij werden genezen. En al de schare zocht Hem aan te raken; want er ging kracht van Hem uit, en Hij genas ze allen. En Hij, Zijn ogen opslaande over Zijn discipelen, zeide: Zalig zijt gij, armen, want uwer is het Koninkrijk Gods. Zalig zijt gij, die nu hongert; want gij zult verzadigd worden. Zalig zijt gij, die nu weent; want gij zult lachen. Zalig zijt gij, wanneer u de mensen haten, en wanneer zij u afscheiden, en smaden, en uw naam als kwaad verwerpen, om des Zoons des mensen wil. Verblijdt u in dien dag, en zijt vrolijk; want, ziet, uw loon is groot in den hemel; want hun vaders deden desgelijks den profeten. Maar wee u, gij rijken, want gij hebt uw troost weg. Wee u, die verzadigd zijt, want gij zult hongeren. Wee u, die nu lacht, want gij zult treuren en wenen. Wee u, wanneer al de mensen wel van u spreken, want hun vaders deden desgelijks den valsen profeten."

"Hij daalde met hen de berg af, naar een plek waar het vlak was; daar bleef hij staan. Een groot aantal van zijn leerlingen was daar ook; en een grote massa mensen, uit heel Judea, uit Jeruzalem en uit de kuststeden Tyrus en Sidon. Al die mensen waren gekomen om naar hem te luisteren en van hun kwalen te worden genezen. Ook zij die gekweld werden door onreine geesten, werden genezen. Iedereen probeerde hem aan te raken, omdat er een kracht van hem uitging die iedereen genas. Hij liet zijn blik over zijn leerlingen gaan en zei: 'Gelukkig u die arm bent, want voor u is het koninkrijk van God; gelukkig u die nu honger lijdt, want God zal u verzadigen; gelukkig u die nu huilt, want u zult lachen; gelukkig bent u als de mensen u haten, u buitensluiten, u lasteren en uw naam verachten omwille van de Mensenzoon. Dans op die dag van blijdschap, want groot is uw beloning in de hemel. Ja, hun voorouders hebben niet anders gedaan met de profeten. Maar wee u die rijk bent, want u hebt uw deel al; wee u die nu overvloed hebt, want u zult honger lijden; wee u die nu lacht, want u zult jammeren en huilen; wee u als de mensen gunstig over u spreken, want zo hebben hun voorouders gesproken over de valse profeten.' Heb uw vijanden lief"

"En Hij daalde met hen af en bleef staan op een vlakke plaats en [daar] was een grote schare van zijn discipelen en een grote menigte van volk uit het gehele Joodse land en Jeruzalem en van Tyrus en Sidon aan de zee, die gekomen waren om Hem te horen en genezen te worden van hun ziekten; en die gekweld werden door onreine geesten werden genezen. En de gehele schare trachtte Hem aan te raken, omdat er kracht van Hem uitging en Hij allen genas. En Hij hief zijn ogen op naar zijn discipelen en zeide: Zalig, gij armen, want uwer is het Koninkrijk Gods. Zalig, gij, die nu hongert, want gij zult verzadigd worden. Zalig, gij, die nu weent, want gij zult lachen. Zalig zijt gij, wanneer u de mensen haten en wanneer zij u uitstoten, en smaden en uw naam als slecht verwerpen ter wille van de Zoon des mensen. Verblijdt u te dien dage en springt op van vreugde, want, zie, uw loon is groot in de hemel; immers, op dezelfde wijze hebben hun vaderen met de profeten gehandeld. Maar wee u, gij rijken, want gij hebt uw vertroosting reeds. Wee u, die nu overvloed hebt, want gij zult hongeren. Wee u, die nu lacht, want gij zult smart hebben en wenen. Wee u, wanneer alle mensen wel van u spreken; immers, op dezelfde wijze hebben hun vaderen met de valse profeten gehandeld."

"Toen hij met hen de berg was afgedaald, bleef hij staan op een plaats waar het vlak was. Daar had een groot aantal van zijn leerlingen zich verzameld, evenals een menigte mensen uit heel Judea en Jeruzalem en uit de kuststreek van Tyrus en Sidon. Ze waren gekomen om naar hem te luisteren en zich van hun ziekten te laten genezen; ook degenen die gekweld werden door onreine geesten werden genezen, en de hele menigte probeerde hem aan te raken, want er ging een kracht van hem uit die allen genas. Hij richtte zijn blik op zijn leerlingen en zei: 'Gelukkig jullie die arm zijn, want van jullie is het koninkrijk van God. Gelukkig jullie die honger hebben, want je zult verzadigd worden. Gelukkig wie nu huilt, want je zult lachen. Gelukkig zijn jullie wanneer de mensen jullie omwille van de Mensenzoon haten en buitensluiten en beschimpen en je naam door het slijk halen. Wees verheugd als die dag komt en spring op van blijdschap, want jullie zullen rijkelijk beloond worden in de hemel. Vergeet niet dat hun voorouders de profeten op dezelfde wijze hebben behandeld. Maar wee jullie die rijk zijn, jullie hebben je deel al gehad. Wee jullie die nu verzadigd zijn, want je zult hongeren. Wee jullie die nu lachen, want je zult treuren en huilen. Wee jullie wanneer alle mensen lovend over je spreken, want hun voorouders hebben de valse profeten op dezelfde wijze behandeld."

"Zij daalden af naar een vlak gedeelte, waar vele volgelingen van Jezus hen omringden. Van alle kanten waren de mensen toegestroomd om naar Hem te luisteren en door Hem te worden genezen. Zij kwamen helemaal uit Judea, Jeruzalem en uit de streek van Tyrus en Sidon aan de Middellandse Zee. Uit vele mensen joeg Hij boze geesten weg. Iedereen probeerde Hem aan te raken, omdat een geweldige kracht van Hem uitging. Hij maakte ze allemaal beter. Daarna keek Hij Zijn discipelen aan en zei: "Gelukkig zijn de armen, want voor hen is het Koninkrijk van God. Gelukkig zijn zij die nu honger hebben, want hun honger zal worden gestild. Gelukkig zijn zij die nu huilen, want eens zullen zij lachen. Gelukkig zijn zij die gehaat, genegeerd, beledigd en verbannen worden omdat zij bij Mij horen. Wees blij als dat gebeurt. Spring op van vreugde, want uw beloning in de hemel zal groot zijn. Met de profeten hebben zij vroeger immers net zo gedaan! Maar pas op als u rijk bent! U bent er dan slecht aan toe! Want het geld is het enige geluk dat u ten deel valt. Pas op als u in overvloed leeft, want er komt een tijd dat u honger zult hebben. Pas op als u nu plezier hebt, want eens zult u huilen van ellende. Pas op als iedereen goed van u spreekt! Want dat hebben ze vroeger van de valse profeten ook gedaan."

 

Lees deze Wat Jezus deed in:
- Engels

 

Vorige Wat Jezus Deed

27 maart 2019 Lukas 6:20
26 maart 2019 Lukas 6:18-19
25 maart 2019 Lukas 6:17
24 maart 2019 Lukas 6:14-16
23 maart 2019 Lukas 6:12-13
22 maart 2019 Lukas 6:11
21 maart 2019 Lukas 6:10
 

Home