Lees meer...

Gratis E-maildiensten!

Ontvang GRATIS dagelijks reflecties en meer via e-mail!

Dagelijkse Overdenking
Wat Jezus Deed
Dagelijks Christelijke Quote
Dagelijks Bijbelvers

 

Wat Jezus Deed

Maandag 25 maart 2019

 

Lukas 6:17

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"En met hen afgekomen zijnde, stond Hij op een vlakke plaats, en [met] [Hem] de schare Zijner discipelen, en een grote menigte des volks van geheel Judea en Jeruzalem, en van den zeekant van Tyrus en Sidon;"

"Hij daalde met hen de berg af, naar een plek waar het vlak was; daar bleef hij staan. Een groot aantal van zijn leerlingen was daar ook; en een grote massa mensen, uit heel Judea, uit Jeruzalem en uit de kuststeden Tyrus en Sidon."

"Toen hij met hen de berg was afgedaald, bleef hij staan op een plaats waar het vlak was. Daar had een groot aantal van zijn leerlingen zich verzameld, evenals een menigte mensen uit heel Judea en Jeruzalem en uit de kuststreek van Tyrus en Sidon."

"Toen hij met hen de berg was afgedaald, bleef hij staan op een plaats waar het vlak was. Daar had een groot aantal van zijn leerlingen zich verzameld, evenals een menigte mensen uit heel Judea en Jeruzalem en uit de kuststreek van Tyrus en Sidon."

"Zij daalden af naar een vlak gedeelte, waar vele volgelingen van Jezus hen omringden. Van alle kanten waren de mensen toegestroomd om naar Hem te luisteren en door Hem te worden genezen. Zij kwamen helemaal uit Judea, Jeruzalem en uit de streek van Tyrus en Sidon aan de Middellandse Zee. Uit vele mensen joeg Hij boze geesten weg."

 

Overdenking van vandaag:

De 12 discipelen die Jezus als zijn apostelen koos hoefden niet lang te wachten om met gelegenheden overstelpt te worden. Na geroepen te worden door de Meester, werden ze onmiddellijk omringd door de menigte, die ernaar verlangt de genade te vinden die God door Jezus aanbood.  

Wie kan zo een dergelijke uitdaging aan? Geen van hen! Niemand van ons! Maar het probleem is niet onze toereikendheid, maar degene op wie we rekenen. Jezus rust ons uit en maakt ons klaar om te dienen in zijn koninkrijk. Hij is degene die ons perfect in onze zwakheid maakt om een zegen te zijn voor degenen die genade zoeken. Wees niet ontmoedigd door jouw onvolkomenheden, maar kom dichter bij de Heer en laat zijn genade genoeg zijn voor jou.

 

Gebed:

Vader, ik moet bekennen dat ik soms uw werk in mijn leven beperkt heb door dat werk te doen op mijn eigen kracht. Ik geloof echt, lieve Heer, dat u verlangt om nog grotere dingen in mij te doen dan ik me kan voorstellen. Maar ik weet dat mijn beperkte kracht vaak verhinderd dat ik bruikbaar voor u kan zijn. Dit is niet omdat u niet door mijn zwakte kan werken, maar omdat ik niet naar u kijk om van mijn zwakte een perfecte plek te maken voor uw kracht om te worden weergegeven. Vergeef mij en mijn hart, zodat ik ten volle bruikbaar gemaakt kan worden. In de naam van Jezus bid ik. Amen.

 

Contekst: Lukas 6:12-19

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"En het geschiedde in die dagen, dat Hij uitging naar den berg, om te bidden, en Hij bleef den nacht over in het gebed tot God. En als het dag was geworden, riep Hij Zijn discipelen tot Zich, en verkoos er twaalf uit hen, die Hij ook apostelen noemde: [Namelijk] Simon, welken Hij ook Petrus noemde; en Andreas zijn broeder, Jakobus en Johannes, Filippus en Bartholomeus; Mattheus en Thomas, Jakobus, den [zoon] van Alfeus, en Simon genaamd Zelotes; Judas Jakobi, en Judas Iskariot, die ook de verrader geworden is. En met hen afgekomen zijnde, stond Hij op een vlakke plaats, en [met] [Hem] de schare Zijner discipelen, en een grote menigte des volks van geheel Judea en Jeruzalem, en van den zeekant van Tyrus en Sidon; Die gekomen waren, om Hem te horen, en om van hun ziekten genezen te worden, en die van onreine geesten gekweld waren; en zij werden genezen. En al de schare zocht Hem aan te raken; want er ging kracht van Hem uit, en Hij genas ze allen."

"Het was ook in die tijd dat hij de berg op ging om te bidden. De hele nacht bad hij tot God. Toen het dag was geworden, riep hij zijn leerlingen bij zich en uit hen koos hij er twaalf die hij apostelen noemde. Het waren: Simon, aan wie hij ook de naam 'Petrus' gaf, en diens broer Andreas; Jakobus en Johannes, Filippus en Bartolomeüs, Matteüs en Tomas; Jakobus, de zoon van Alfeüs, Simon, bijgenaamd de Strijdbare, Judas, de zoon van Jakobus, en Judas Iskariot, de man die een verrader is geworden. Hij daalde met hen de berg af, naar een plek waar het vlak was; daar bleef hij staan. Een groot aantal van zijn leerlingen was daar ook; en een grote massa mensen, uit heel Judea, uit Jeruzalem en uit de kuststeden Tyrus en Sidon. Al die mensen waren gekomen om naar hem te luisteren en van hun kwalen te worden genezen. Ook zij die gekweld werden door onreine geesten, werden genezen. Iedereen probeerde hem aan te raken, omdat er een kracht van hem uitging die iedereen genas."

"En het geschiedde in die dagen, dat Hij naar het gebergte ging om te bidden, en Hij bracht de nacht door in het gebed tot God. En toen het dag geworden was, riep Hij zijn discipelen tot Zich en koos er twaalf uit, die Hij ook apostelen noemde: Simon, die Hij ook Petrus noemde, en Andreas, zijn broeder, en Jakobus en Johannes, en Filippus en Bartolomeus, en Matteus en Tomas, en Jakobus, de zoon van Alfeus, en Simon, bijgenaamd de Zeloot, en Judas, de zoon van Jakobus, en Judas Iskariot, die de verrader geworden is. En Hij daalde met hen af en bleef staan op een vlakke plaats en [daar] was een grote schare van zijn discipelen en een grote menigte van volk uit het gehele Joodse land en Jeruzalem en van Tyrus en Sidon aan de zee, die gekomen waren om Hem te horen en genezen te worden van hun ziekten; en die gekweld werden door onreine geesten werden genezen. En de gehele schare trachtte Hem aan te raken, omdat er kracht van Hem uitging en Hij allen genas."

"Op een van die dagen trok Jezus zich terug op de berg om te bidden. De hele nacht bleef hij tot God bidden. Toen de dag aanbrak, riep hij de leerlingen bij zich en koos twaalf van hen uit, die hij apostelen noemde: Simon, aan wie hij de naam Petrus gaf, diens broer Andreas, Jakobus en Johannes, Filippus en Bartolomeüs, Matteüs en Tomas, Jakobus, de zoon van Alfeüs, en Simon, die de IJveraar genoemd wordt, Judas, de zoon van Jakobus, en Judas Iskariot, die een verrader werd. Toen hij met hen de berg was afgedaald, bleef hij staan op een plaats waar het vlak was. Daar had een groot aantal van zijn leerlingen zich verzameld, evenals een menigte mensen uit heel Judea en Jeruzalem en uit de kuststreek van Tyrus en Sidon. Ze waren gekomen om naar hem te luisteren en zich van hun ziekten te laten genezen; ook degenen die gekweld werden door onreine geesten werden genezen, en de hele menigte probeerde hem aan te raken, want er ging een kracht van hem uit die allen genas."

"Korte tijd daarna ging Hij de bergen in om te bidden. Hij bad de hele nacht tot God. Tegen de morgen riep Hij Zijn volgelingen bij Zich en koos er twaalf uit die Zijn discipelen zouden worden. 'Apostelen' noemde Hij hen ook wel. Het waren Simon (die Hij voortaan Petrus noemde) en diens broer Andreas, Jakobus, Johannes, Filippus, Bartholomeüs, Mattheüs, Thomas, Jakobus (de zoon van Alfeüs), Simon de Zeloot , Judas (de zoon van Jakobus) en Judas Iskariot (die Hem later zou verraden). Zij daalden af naar een vlak gedeelte, waar vele volgelingen van Jezus hen omringden. Van alle kanten waren de mensen toegestroomd om naar Hem te luisteren en door Hem te worden genezen. Zij kwamen helemaal uit Judea, Jeruzalem en uit de streek van Tyrus en Sidon aan de Middellandse Zee. Uit vele mensen joeg Hij boze geesten weg. Iedereen probeerde Hem aan te raken, omdat een geweldige kracht van Hem uitging. Hij maakte ze allemaal beter."

 

Lees deze Wat Jezus deed in:
- Engels

 

Vorige Wat Jezus Deed

24 maart 2019 Lukas 6:14-16
23 maart 2019 Lukas 6:12-13
22 maart 2019 Lukas 6:11
21 maart 2019 Lukas 6:10
20 maart 2019 Lukas 6:8-9
19 maart 2019 Lukas 6:6-7
18 maart 2019 Lukas 6:5
 

Home