Lees meer...

Gratis E-maildiensten!

Ontvang GRATIS dagelijks reflecties en meer via e-mail!

Dagelijkse Overdenking
Wat Jezus Deed
Dagelijks Christelijke Quote
Dagelijks Bijbelvers

 

Wat Jezus Deed

Dinsdag 12 maart 2019

 

Lukas 5:21-26

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"En de Schriftgeleerden en de Farizeen begonnen te overdenken, zeggende: Wie is Deze, Die [gods] lastering spreekt? Wie kan de zonden vergeven, dan God alleen? Maar Jezus, hun overdenkingen bekennende, antwoordde en zeide tot hen: Wat overdenkt gij in uw harten? Wat is lichter te zeggen: Uw zonden zijn u vergeven, of te zeggen: Sta op en wandel? Doch opdat gij moogt weten, dat de Zoon des mensen macht heeft op de aarde, de zonde te vergeven (zeide Hij tot den geraakte): Ik zeg u, sta op, en neem uw beddeken op, en ga heen naar uw huis. En hij, terstond voor Hem opstaande, [en] opgenomen hebbende hetgeen, daar hij op gelegen had, ging heen naar zijn huis, God verheerlijkende. En ontzetting heeft [hen] allen bevangen, en zij verheerlijkten God, en werden vervuld met vreze, zeggende: Wij hebben heden ongelofelijke dingen gezien."

"De schriftgeleerden en de FarizeeŽn begonnen tegen elkaar te zeggen: 'Wat is dat voor iemand? Wat hij zegt is godslastering! Want alleen God kan zonden vergeven!' Maar Jezus begreep wat ze dachten. 'Wat denkt u nu bij uzelf?' vroeg hij hun. 'Wat is eenvoudiger? Te zeggen: Uw zonden zijn u vergeven, of: Sta op en loop? Ik zal u laten zien dat de Mensenzoon de macht heeft hier op aarde zonden te vergeven.' Toen richtte hij zich tot de verlamde: 'U zeg ik: sta op, pak uw bed op en ga naar huis!' Op hetzelfde moment stond de man op, voor hun ogen, pakte zijn draagbed, en ging naar huis, God lovend. De mensen waren buiten zichzelf, ze prezen God en vol ontzag riepen ze: 'Vandaag hebben we iets ongelooflijks gezien!'"

"De schriftgeleerden en de FarizeeŽn begonnen zich af te vragen: Wie is die man dat hij deze godslasterlijke taal spreekt? Wie kan zonden vergeven dan God alleen? Maar Jezus begreep wat ze dachten en zei tegen hen: 'Vanwaar toch al die bedenkingen? Wat is gemakkelijker, te zeggen: "Uw zonden zijn u vergeven" of: "Sta op en loop"? Ik zal u laten zien dat de Mensenzoon volmacht heeft om op aarde zonden te vergeven.' En hij zei tegen de verlamde: 'Ik zeg u, sta op, pak uw bed en ga naar huis.' En onmiddellijk stond hij voor de ogen van alle aanwezigen op, pakte het bed waarop hij altijd had gelegen en vertrok naar huis, terwijl hij God loofde. Allen stonden versteld en ze loofden God, en zeiden, vervuld van ontzag: 'Vandaag hebben we iets ongelooflijks gezien!'"

"De schriftgeleerden en de FarizeeŽn begonnen zich af te vragen: Wie is die man dat hij deze godslasterlijke taal spreekt? Wie kan zonden vergeven dan God alleen? Maar Jezus begreep wat ze dachten en zei tegen hen: 'Vanwaar toch al die bedenkingen? Wat is gemakkelijker, te zeggen: "Uw zonden zijn u vergeven" of: "Sta op en loop"? Ik zal u laten zien dat de Mensenzoon volmacht heeft om op aarde zonden te vergeven.' En hij zei tegen de verlamde: 'Ik zeg u, sta op, pak uw bed en ga naar huis.' En onmiddellijk stond hij voor de ogen van alle aanwezigen op, pakte het bed waarop hij altijd had gelegen en vertrok naar huis, terwijl hij God loofde. Allen stonden versteld en ze loofden God, en zeiden, vervuld van ontzag: 'Vandaag hebben we iets ongelooflijks gezien!'"

"Wat denkt die Man wel?" mopperden de FarizeeŽrs en godsdienstleraars. "Hij beledigt God! Wie kan zonden vergeven dan God alleen?" Jezus wist wel wat in hen omging en vroeg: "Wat gaat er in uw hart om? Wat is moeilijker: Hem zijn zonden vergeven of hem genezen? Ik zal u laten zien dat de Mensenzoon macht heeft om zonden te vergeven." Hij zei tegen de verlamde: "Sta op, neem uw draagbaar en ga naar huis." Op hetzelfde moment, terwijl iedereen met grote ogen toekeek, stond de man op. Hij nam zijn draagbaar onder de arm en liep naar huis. Hij juichte van blijdschap en prees God voor dit wonder. De omstanders wisten niet wat ze zagen. Ook zij prezen God en zeiden vol ontzag: "We hebben vandaag ongelooflijke dingen gezien."

 

Overdenking van vandaag:

Na zojuist een telefoongesprek te hebben gehad over een dodelijk zieke vriend, is deze passage in de bijbel voor mij een krachtige herinnering. Ik ben zo vaak gericht op de lichamelijke behoeften van mensen. Dat is niet slecht. Het maakt dat ik met medeleven handel. Het brengt mij er ook toe om op mijn knieŽn in gebed te gaan.  

Niettemin herinnert Jezus mij er in deze tekst aan dat de vergeving van zonde de grootste behoefte is die wij als mensen hebben. Vergeving is het grootste geschenk dat Jezus ons kan geven. Geestelijke genezing, dat wat bevrijding geeft van zonde en schuld, is wat wij het meest nodig hebben. Wanneer wij naar de mensen om ons heen kijken moeten wij niet vergeten wat de grootste behoefte in hun leven werkelijk is!

 

Gebed:

Eeuwige en genadevolle God, mijn Abba Vader, vergeef mij dat ik zo afgeleid raak door dingen van ondergeschikt belang. Beweeg mij ertoe om met medeleven en oprechte zorgzaamheid te handelen naar mensen om mij heen met lichamelijke noden. Help mij ook om vurig met medelijden en oprechte betrokkenheid om te gaan met degenen om mij heen met de allergrootste menselijke nood - de behoefte aan uw genade en vergeving. Geef mij alstublieft werkelijk open ogen in geestelijke zin om te zien wat moet worden gedaan in de levens van degenen om mij heen. Ik bid dit in de naam van Jezus. Amen.

 

Contekst: Lukas 5:17-26

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"En het geschiedde in een dier dagen, dat Hij leerde, en [er] zaten Farizeen en leraars der wet, die van alle vlekken van Galilea, en Judea, en Jeruzalem gekomen waren; en de kracht des Heeren was [er] om hen te genezen. En ziet, [enige] mannen brachten op een bed een mens, die geraakt was, en zochten hem in te brengen, en voor Hem te leggen. En niet vindende, waardoor zij hem inbrengen mochten, overmits de schare, zo klommen zij op het dak, en lieten hem door de tichelen neder met het beddeken, in het midden, voor Jezus. En Hij ziende hun geloof, zeide tot hem: Mens, uw zonden zijn u vergeven. En de Schriftgeleerden en de Farizeen begonnen te overdenken, zeggende: Wie is Deze, Die [gods] lastering spreekt? Wie kan de zonden vergeven, dan God alleen? Maar Jezus, hun overdenkingen bekennende, antwoordde en zeide tot hen: Wat overdenkt gij in uw harten? Wat is lichter te zeggen: Uw zonden zijn u vergeven, of te zeggen: Sta op en wandel? Doch opdat gij moogt weten, dat de Zoon des mensen macht heeft op de aarde, de zonde te vergeven (zeide Hij tot den geraakte): Ik zeg u, sta op, en neem uw beddeken op, en ga heen naar uw huis. En hij, terstond voor Hem opstaande, [en] opgenomen hebbende hetgeen, daar hij op gelegen had, ging heen naar zijn huis, God verheerlijkende. En ontzetting heeft [hen] allen bevangen, en zij verheerlijkten God, en werden vervuld met vreze, zeggende: Wij hebben heden ongelofelijke dingen gezien."

"Op een dag toen Jezus weer onderricht gaf, waren er onder de mensen ook FarizeeŽn en wetgeleerden. Zij kwamen uit alle dorpen van Galilea en Judea, en uit Jeruzalem. De Heer gaf hem kracht om te genezen. En nu kwamen daar een paar mannen, met op een draagbed iemand die verlamd was. Ze probeerden hem naar binnen te brengen en voor Jezus neer te leggen. Maar doordat er zoveel mensen waren, zagen ze er geen kans toe. Daarom gingen ze het dak op en lieten hem met bed en al door het lemen dak naar beneden zakken, midden tussen de mensen en vlak voor Jezus. Bij het zien van hun geloof zei hij tegen de man: 'Uw zonden zijn u vergeven.' De schriftgeleerden en de FarizeeŽn begonnen tegen elkaar te zeggen: 'Wat is dat voor iemand? Wat hij zegt is godslastering! Want alleen God kan zonden vergeven!' Maar Jezus begreep wat ze dachten. 'Wat denkt u nu bij uzelf?' vroeg hij hun. 'Wat is eenvoudiger? Te zeggen: Uw zonden zijn u vergeven, of: Sta op en loop? Ik zal u laten zien dat de Mensenzoon de macht heeft hier op aarde zonden te vergeven.' Toen richtte hij zich tot de verlamde: 'U zeg ik: sta op, pak uw bed op en ga naar huis!' Op hetzelfde moment stond de man op, voor hun ogen, pakte zijn draagbed, en ging naar huis, God lovend. De mensen waren buiten zichzelf, ze prezen God en vol ontzag riepen ze: 'Vandaag hebben we iets ongelooflijks gezien!'"

"En het geschiedde op een dier dagen, terwijl Hij bezig was te leren, dat er ook Farizeeen en wetgeleerden zaten, die gekomen waren uit alle dorpen van Galilea en Judea en uit Jeruzalem. En er was kracht des Heren, zodat Hij kon genezen. En zie, daar kwamen [enige] mannen met een verlamde op een bed, en zij trachtten hem binnen te dragen en hem voor Hem te leggen. En toen zij geen gelegenheid vonden om hem binnen te dragen, vanwege de schare, gingen zij het dak op en lieten hem met zijn bed door de tegels in het midden neder, vlak voor Jezus. En hun geloof ziende, zeide Hij: Mens, uw zonden zijn u vergeven. En de schriftgeleerden en de Farizeeen begonnen te overleggen en zeiden: Wie is deze, die [zulke] godslasterlijke dingen zegt? Wie kan zonden vergeven dan God alleen? Doch Jezus doorzag hun overleggingen en antwoordde en zeide tot hen: Wat overlegt gij in uw harten? Wat is gemakkelijker, te zeggen: Uw zonden zijn u vergeven, of te zeggen: Sta op en wandel? Maar, opdat gij moogt weten, dat de Zoon des mensen macht heeft op aarde zonden te vergeven, zeide Hij tot de verlamde: Tot u zeg Ik, sta op, neem uw bed op en ga naar uw huis. En onmiddellijk stond hij voor hun ogen op, nam hetgeen, waar hij op gelegen had, mede en ging naar zijn huis, God verheerlijkende. En ontzetting beving allen en zij verheerlijkten God, en werden met vrees vervuld, zeggende: Wij hebben heden ongelooflijke dingen gezien."

"Toen hij op een dag onderricht gaf, bevonden zich onder zijn gehoor ook FarizeeŽn en wetgeleerden die uit allerlei plaatsen in Galilea en Judea en uit Jeruzalem waren gekomen. De kracht van de Heer was werkzaam in hem, opdat hij zieken zou genezen. Er kwamen een paar mannen met een verlamde op een draagbed, die ze naar binnen wilden brengen om hem voor Jezus neer te leggen. Maar ze zagen geen kans om door de mensenmassa heen te komen, en dus gingen ze het dak op en lieten hem op het bed door een opening in het tegeldak naar beneden zakken tot vlak voor Jezus. Toen hij hun geloof zag, zei hij tegen hem: 'Uw zonden zijn u vergeven.' De schriftgeleerden en de FarizeeŽn begonnen zich af te vragen: Wie is die man dat hij deze godslasterlijke taal spreekt? Wie kan zonden vergeven dan God alleen? Maar Jezus begreep wat ze dachten en zei tegen hen: 'Vanwaar toch al die bedenkingen? Wat is gemakkelijker, te zeggen: "Uw zonden zijn u vergeven" of: "Sta op en loop"? Ik zal u laten zien dat de Mensenzoon volmacht heeft om op aarde zonden te vergeven.' En hij zei tegen de verlamde: 'Ik zeg u, sta op, pak uw bed en ga naar huis.' En onmiddellijk stond hij voor de ogen van alle aanwezigen op, pakte het bed waarop hij altijd had gelegen en vertrok naar huis, terwijl hij God loofde. Allen stonden versteld en ze loofden God, en zeiden, vervuld van ontzag: 'Vandaag hebben we iets ongelooflijks gezien!'"

"Toen Jezus op een dag de mensen weer over God vertelde, zaten er ook FarizeeŽrs en godsdienstleraars te luisteren. Het leek wel of zij overal vandaan kwamen. Uit Galilea, Judea en uit Jeruzalem. Jezus was vol van Gods genezende kracht. Er kwamen enkele mannen met een verlamde op een draagbaar. Zij probeerden hem het huis binnen te dragen tot vlakbij Jezus. Maar er stonden zoveel mensen dat het niet lukte. Daarom gingen zij het platte dak op en haalden daar enkele tegels weg. Vervolgens lieten zij de man op zijn draagbaar door het gat zakken tot vlak voor de voeten van Jezus. Bij het zien van zoveel geloofsvertrouwen, zei Jezus tegen de verlamde man: "Vriend, uw zonden zijn u vergeven." "Wat denkt die Man wel?" mopperden de FarizeeŽrs en godsdienstleraars. "Hij beledigt God! Wie kan zonden vergeven dan God alleen?" Jezus wist wel wat in hen omging en vroeg: "Wat gaat er in uw hart om? Wat is moeilijker: Hem zijn zonden vergeven of hem genezen? Ik zal u laten zien dat de Mensenzoon macht heeft om zonden te vergeven." Hij zei tegen de verlamde: "Sta op, neem uw draagbaar en ga naar huis." Op hetzelfde moment, terwijl iedereen met grote ogen toekeek, stond de man op. Hij nam zijn draagbaar onder de arm en liep naar huis. Hij juichte van blijdschap en prees God voor dit wonder. De omstanders wisten niet wat ze zagen. Ook zij prezen God en zeiden vol ontzag: "We hebben vandaag ongelooflijke dingen gezien."

 

Lees deze Wat Jezus deed in:
- Engels

 

Vorige Wat Jezus Deed

11 maart 2019 Lukas 5:17-20
10 maart 2019 Lukas 5:14-16
9 maart 2019 Lukas 5:12-13
8 maart 2019 Lukas 5:8-11
7 maart 2019 Lukas 5:2-7
6 maart 2019 Lukas 5:1
5 maart 2019 Lukas 4:42-44
 

Home