Lees meer...

Gratis E-maildiensten!

Ontvang GRATIS dagelijks reflecties en meer via e-mail!

Dagelijkse Overdenking
Wat Jezus Deed
Dagelijks Christelijke Quote
Dagelijks Bijbelvers

 

Wat Jezus Deed

Maandag 29 oktober 2018

 

Johannes 17:14-15

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"Ik heb hun Uw woord gegeven; en de wereld heeft ze gehaat, omdat zij van de wereld niet zijn, gelijk als Ik van de wereld niet ben. Ik bid niet, dat Gij hen uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart van den boze."

"Ik heb hun uw boodschap doorgegeven, en de wereld haat hen omdat zij net als ik niet tot de wereld behoren. Ik vraag niet dat u hen uit de wereld wegneemt, maar dat u hen beschermt tegen de duivel."

"Ik heb hun uw woord gegeven. De wereld haat hen, omdat ze niet bij de wereld horen, zoals ook ik niet bij de wereld hoor. Ik vraag niet of u hen uit de wereld weg wilt nemen, maar of u hen wilt beschermen tegen de duivel."

"Ik heb hun uw woord gegeven. De wereld haat hen, omdat ze niet bij de wereld horen, zoals ook ik niet bij de wereld hoor. Ik vraag niet of u hen uit de wereld weg wilt nemen, maar of u hen wilt beschermen tegen de duivel."

"Ik heb hun doorgegeven wat U verteld hebt. De wereld haat hen omdat zij, net als Ik, niet bij de wereld horen. Ik vraag U niet hen uit de wereld weg te nemen, maar hen te beschermen tegen de duivel."

 

Overdenking van vandaag:

God heeft de wereld lief. Hij stuurde zijn Zoon om te sterven voor de verlossing van de wereld. Maar de wereld heeft God niet lief. De wereld, haar processen en bevoegdheden verwerpen zijn zoon.  

Sinds wij christenen geworden zijn, maken we niet langer deel uit van de wereld die God en zijn werk weerstaat. We moeten niet verbaasd zijn als de wereld ons niet accepteert. We moeten niet geschokt zijn wanneer de wereld zich tegen ons keert en ons haat.  

Jezus verlangt om ons te beschermen, maar hij vraagt ons wel in de plaats van het risico te leven. Hij roept ons op om hem te helpen mensen te verlossen die gevangen zijn door de processen en machten van deze huidige wereld. Wij zijn geroepen om op de grens van de duisternis en het licht te wonen. Wij moeten ons licht schijnen om hen die gevangen zitten in het donker hun weg naar het ware Licht, Jezus, te helpen vinden.  

Terwijl we dit doen, weten we dat Jezus aan de Vaders zij is, om ons veilig van de duivel weg te houden.

 

Gebed:

Geef me moed en mededogen, liefdevolle Vader, hier op de plek van het gevaar en genade - de plaats van verlossing waar licht de duisternis doordringt en verloren mannen en vrouwen gered worden van het verval en de willekeur van de wereld. Houd mijn hart in het licht en vernieuw mijn kracht wanneer ik geconfronteerd word met de machten van de duisternis en de haat die deze wereld zou kunnen aanbieden. Alstublieft, liefdevolle Vader, bewaar mijn hart voor cynisme en haat, zodat ik een van uw vele instrumenten van verlossing kan zijn. In de naam van Jezus. Amen.

 

Contekst: Johannes 17:13-26

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"Maar nu kom Ik tot U, en spreek dit in de wereld, opdat zij Mijn blijdschap vervuld mogen hebben in zichzelven. Ik heb hun Uw woord gegeven; en de wereld heeft ze gehaat, omdat zij van de wereld niet zijn, gelijk als Ik van de wereld niet ben. Ik bid niet, dat Gij hen uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart van den boze. Zij zijn niet van de wereld, gelijkerwijs Ik van de wereld niet ben. Heilig ze in Uw waarheid; Uw woord is de waarheid. Gelijkerwijs Gij Mij gezonden hebt in de wereld, [alzo] heb Ik hen ook in de wereld gezonden. En Ik heilige Mijzelven voor hen, opdat ook zij geheiligd mogen zijn in waarheid. En Ik bid niet alleen voor dezen, maar ook voor degenen, die door hun woord in Mij geloven zullen. Opdat zij allen een zijn, gelijkerwijs Gij, Vader, in Mij, en Ik in U, dat ook zij in Ons een zijn; opdat de wereld gelove, dat Gij Mij gezonden hebt. En Ik heb hun de heerlijkheid gegeven, die Gij Mij gegeven hebt; opdat zij een zijn, gelijk als Wij Een zijn; Ik in hen, en Gij in Mij; opdat zij volmaakt zijn in een, en opdat de wereld bekenne, dat Gij Mij gezonden hebt, en hen liefgehad hebt, gelijk Gij Mij liefgehad hebt. Vader, Ik wil, dat waar Ik ben, ook die bij Mij zijn, die Gij Mij gegeven hebt; opdat zij Mijn heerlijkheid mogen aanschouwen, die Gij Mij gegeven hebt; want Gij hebt Mij liefgehad, voor de grondlegging der wereld. Rechtvaardige Vader, de wereld heeft U niet gekend; maar Ik heb U gekend, en dezen hebben bekend, dat Gij Mij gezonden hebt. En Ik heb hun Uw Naam bekend gemaakt, en zal [Hem] bekend maken; opdat de liefde, waarmede Gij Mij liefgehad hebt, in hen zij, en Ik in hen."

"En nu kom ik naar u toe, en ik zeg dit alles nu ik nog in de wereld ben, opdat ze vervuld worden met mijn blijdschap. Ik heb hun uw boodschap doorgegeven, en de wereld haat hen omdat zij net als ik niet tot de wereld behoren. Ik vraag niet dat u hen uit de wereld wegneemt, maar dat u hen beschermt tegen de duivel. Zij behoren net als ik niet tot de wereld. Laten zij aan u gewijd zijn door de waarheid; uw woord is de waarheid. Ik zend hen de wereld in zoals u mij naar de wereld hebt gezonden. Voor hen wijd ik mij aan u; dan zullen ook zij aan u gewijd zijn door de waarheid. Ik bid niet alleen voor hen, maar ook voor degenen die door hun verkondiging in mij geloven. Vader, laten ze allen één zijn zoals u in mij bent en ik in u ben. Laten ook zij in ons zijn; dan zal de wereld geloven dat u mij hebt gezonden. De glorie die u mij hebt gegeven, heb ik hun gegeven opdat ze één zijn zoals wij één zijn: ik in hen en u in mij. Zo zullen ze volmaakt één zijn, en dan zal de wereld weten dat u mij gezonden hebt en dat u hen hebt liefgehad zoals u mij hebt liefgehad. Vader, u hebt ze mij toevertrouwd, en ik wil dat zij zullen zijn waar ik ben; dan kunnen ze mijn glorie zien die u mij gegeven hebt, omdat u mij hebt liefgehad vóór de schepping van de wereld. Rechtvaardige Vader, de wereld kent u niet, maar ik ken u, en zij weten dat u mij gezonden hebt. Ik heb hun uw naam bekendgemaakt en ik zal dat blijven doen, want ik wil dat de liefde in hen is die u voor mij hebt, en dat ik in hen ben.'"

"Maar nu kom Ik tot U en Ik spreek dit in de wereld, opdat zij ten volle mijn blijdschap in zichzelf mogen hebben. Ik heb hun uw woord gegeven en de wereld heeft hen gehaat, omdat zij niet uit de wereld zijn, gelijk Ik niet uit de wereld ben. Ik bid niet, dat Gij hen uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart voor de boze. Zij zijn niet uit de wereld, gelijk Ik niet uit de wereld ben. Heilig hen in uw waarheid; uw woord is de waarheid. Gelijk Gij Mij gezonden hebt in de wereld, heb ook Ik hen gezonden in de wereld; en Ik heilig Mijzelf voor hen, opdat ook zij geheiligd mogen zijn in waarheid. En Ik bid niet alleen voor dezen, maar ook voor hen, die door hun woord in Mij geloven, opdat zij allen een zijn, gelijk Gij, Vader, in Mij en Ik in U, dat ook zij in Ons zijn; opdat de wereld gelove, dat Gij Mij gezonden hebt. En de heerlijkheid, die Gij Mij gegeven hebt, heb Ik hun gegeven, opdat zij een zijn, gelijk Wij een zijn: Ik in hen en Gij in Mij, dat zij volmaakt zijn tot een, opdat de wereld erkenne, dat Gij Mij gezonden hebt, en dat Gij hen liefgehad hebt, gelijk Gij Mij liefgehad hebt. Vader, hetgeen Gij Mij gegeven hebt; Ik wil, dat, waar Ik ben, ook zij bij Mij zijn, om mijn heerlijkheid te aanschouwen, die Gij Mij gegeven hebt, want Gij hebt Mij liefgehad voor de grondlegging der wereld. Rechtvaardige Vader, de wereld kent U niet, maar Ik ken U, en dezen weten, dat Gij Mij gezonden hebt; en Ik heb hun uw naam bekend gemaakt en Ik zal hem bekend maken, opdat de liefde, waarmede Gij Mij liefgehad hebt, in hen zij en Ik in hen."

"Nu kom ik naar u toe, en ik zeg dit terwijl ik nog in de wereld ben, opdat zij vervuld worden van mijn vreugde. Ik heb hun uw woord gegeven. De wereld haat hen, omdat ze niet bij de wereld horen, zoals ook ik niet bij de wereld hoor. Ik vraag niet of u hen uit de wereld weg wilt nemen, maar of u hen wilt beschermen tegen de duivel. Ze horen niet bij de wereld, zoals ik niet bij de wereld hoor. Heilig hen dan door de waarheid. Uw woord is de waarheid. Ik zend hen naar de wereld, zoals u mij naar de wereld hebt gezonden. Ik heb mij geheiligd omwille van hen, zo zullen ook zij door de waarheid geheiligd zijn. Ik bid niet alleen voor hen, maar voor allen die door hun verkondiging in mij geloven. Laat hen allen één zijn, Vader. Zoals u in mij bent en ik in u, laat hen zo ook in ons zijn, opdat de wereld gelooft dat u mij hebt gezonden. Ik heb hen laten delen in de grootheid die u mij gegeven hebt, opdat zij één zijn zoals wij: ik in hen en u in mij. Dan zullen zij volkomen één zijn en zal de wereld begrijpen dat u mij hebt gezonden, en dat u hen liefhad zoals u mij liefhad. Vader, u hebt hen aan mij geschonken, laat hen dan zijn waar ik ben. Dan zullen zij de grootheid zien die u mij gegeven hebt omdat u mij al liefhad voordat de wereld gegrondvest werd. Rechtvaardige Vader, de wereld kent u niet, maar ik ken u, en zij weten dat u mij hebt gezonden. Ik heb hun uw naam bekendgemaakt en dat zal ik blijven doen, zodat de liefde waarmee u mij liefhad in hen zal zijn en ik in hen.'"

"Nu kom Ik bij U. Ik zeg dit allemaal terwijl Ik nog in de wereld ben, omdat Ik wil dat zij vol zullen zijn van de blijdschap die Ik heb. Ik heb hun doorgegeven wat U verteld hebt. De wereld haat hen omdat zij, net als Ik, niet bij de wereld horen. Ik vraag U niet hen uit de wereld weg te nemen, maar hen te beschermen tegen de duivel. Zij horen net zo min bij de wereld als Ik. Maak hen zuiver en heilig door hen te onderwijzen in Uw woord van waarheid. Ik stuur hen de wereld in, zoals U Mij de wereld hebt ingestuurd. Ik geef Mijzelf voor hen over om hen door de waarheid aan U te verbinden. Wat Ik U vraag, is niet alleen voor hen. Het is ook voor de mensen die door hen in Mij zullen gaan geloven. Ik vraag U, Vader, of zij net zo één mogen zijn als U en Ik. U bent in Mij en Ik ben in U. Laat hen ook zo in Ons zijn. Dan zal de wereld geloven dat U Mij gestuurd hebt. Ik heb hun dezelfde eer gegeven als U Mij gegeven hebt, om hen zo één te laten zijn als U en Ik. Doordat Ik in hen ben en U in Mij bent, zullen zij een volmaakte eenheid zijn. Dan zal de wereld erkennen dat U Mij gestuurd hebt en dat U net zoveel van hen houdt als van Mij. Vader, U hebt hen aan Mij gegeven. Ik wil dat zij bij Mij zullen zijn om mijn schitterende majesteit te zien. U hebt Mij die majesteit gegeven, omdat U al van Mij hield voor het ontstaan van de wereld. Rechtvaardige Vader, al kent de wereld U niet, Ik ken U. En mijn discipelen weten dat U Mij gestuurd hebt. Ik heb hun verteld wie U bent en zal dat blijven doen. Want Ik wil dat Uw liefde voor Mij in hen zal zijn, en dat Ikzelf ook in hen zal zijn."

 

Lees deze Wat Jezus deed in:
- Engels

 

Vorige Wat Jezus Deed

28 oktober 2018 Johannes 17:13
27 oktober 2018 Johannes 17:12
26 oktober 2018 Johannes 17:11
25 oktober 2018 Johannes 17:9-10
24 oktober 2018 Johannes 17:6-8
23 oktober 2018 Johannes 17:4-5
22 oktober 2018 Johannes 17:1-3
 

Home