Lees meer...

Gratis E-maildiensten!

Ontvang GRATIS dagelijks reflecties en meer via e-mail!

Dagelijkse Overdenking
Wat Jezus Deed
Dagelijks Christelijke Quote
Dagelijks Bijbelvers

 

Wat Jezus Deed

Donderdag 5 maart 2020

 

Markus 4:20

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"En dezen zijn, die in de goede aarde bezaaid zijn, welke het Woord horen en aannemen, en dragen vruchten, het ene dertig, en het andere zestig, en het andere honderd [voud]."

"Het zaad tenslotte dat in goede grond gezaaid werd, zijn de mensen die het woord van God horen en in zich opnemen. En zij dragen vrucht: dertig, zestig- en honderdmaal zoveel.'"

"Maar er zijn ook mensen die zijn als het zaad dat op goede grond is gezaaid: zij horen het woord en aanvaarden het en dragen vrucht, sommigen dertigvoudig, anderen zestigvoudig en weer anderen honderdvoudig.'"

"Maar er zijn ook mensen die zijn als het zaad dat op goede grond is gezaaid: zij horen het woord en aanvaarden het en dragen vrucht, sommigen dertigvoudig, anderen zestigvoudig en weer anderen honderdvoudig.'"

"Maar de goede grond stelt de mensen voor, die het woord van God horen en er met hun hele hart in geloven. Zij doen er iets mee. Het goede zaad brengt vrucht voort in hun leven. Wel dertig, zestig en honderd keer zoveel als is gezaaid."

 

Overdenking van vandaag:

Jezus wil dat we productief zijn in ons dienen voor zijn koninkrijk. In feite is hij werkzaam in het leven van degenen die zich volledig aan hem geven om een grote oogst te realiseren. Net als een klein zaadje wordt de macht van het Koninkrijk vermenigvuldigd door de levens van degenen die zich volledig aan Jezus geven!

 

Gebed:

O Here God, help me om mezelf volledig aan uw wil te geven. Mogen de dingen die ik in mijn leven doe u glorie brengen. In Jezus' naam. Amen.

 

Contekst: Markus 4:1-20

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"En Hij begon wederom te leren omtrent de zee; en er vergaderde een grote schare bij Hem, alzo dat Hij, in het schip gegaan zijnde, nederzat op de zee; en de gehele schare was op het land aan de zee. En Hij leerde hun veel dingen door gelijkenissen, en Hij zeide in Zijn lering tot hen: Hoort toe: ziet, een zaaier ging uit om te zaaien. En het geschiedde in het zaaien, dat het ene [deel] [zaads] viel bij den weg; en de vogelen des hemels kwamen, en aten het op. En het andere viel op het steenachtige, waar het niet veel aarde had; en het ging terstond op, omdat het geen diepte van aarde had. Maar als de zon opgegaan was, zo is het verbrand geworden, en omdat het geen wortel had, zo is het verdord. En het andere viel in de doornen, en de doornen wiesen op, en verstikten hetzelve, en het gaf geen vrucht. En het andere viel in de goede aarde, en gaf vrucht, die opging en wies; en het ene droeg dertig, en het andere zestig, en het andere honderd [voud]. En Hij zeide tot hen: Wie oren heeft om te horen, die hore. En als Hij nu alleen was, vraagden Hem degenen, die omtrent Hem [waren], met de twaalven, naar de gelijkenis. En Hij zeide tot hen: Het is u gegeven te verstaan de verborgenheid van het Koninkrijk Gods; maar dengenen, die buiten zijn, geschieden al deze dingen door gelijkenissen; Opdat zij ziende zien, en niet bemerken, en horende horen, en niet verstaan; opdat zij zich niet te eniger tijd, bekeren en hun de zonden vergeven worden. En Hij zeide tot hen: Weet gij deze gelijkenis niet, en hoe zult gij al de gelijkenissen verstaan? De zaaier [is], [die] het Woord zaait. En dezen zijn, die bij den weg [bezaaid] [worden], waarin het Woord gezaaid wordt; en als zij het gehoord hebben, zo komt de satan terstond, en neemt het Woord weg, hetwelk in hun harten gezaaid was. En dezen zijn desgelijks, die op de steenachtige [plaatsen] bezaaid worden; welke, als zij het Woord gehoord hebben, terstond hetzelve met vreugde ontvangen. En hebben geen wortel in zichzelven, maar zijn voor een tijd; daarna, als verdrukking of vervolging komt om des Woords wil, zo worden zij terstond geergerd. En dezen zijn, die in de doornen bezaaid worden; [namelijk] degenen, die het Woord horen; En de zorgvuldigheden dezer wereld, en de verleiding des rijkdoms en de begeerlijkheden omtrent de andere dingen, inkomende, verstikken het Woord, en het wordt onvruchtbaar. En dezen zijn, die in de goede aarde bezaaid zijn, welke het Woord horen en aannemen, en dragen vruchten, het ene dertig, en het andere zestig, en het andere honderd [voud]."

"Weer begon Jezus bij het meer de mensen te onderwijzen. En ze stroomden in zulke grote aantallen naar hem toe dat hij in een boot stapte. Zo zat hij op het meer, en de hele menigte stond op de oever. Hij leerde hun veel aan de hand van gelijkenissen. Zo leerde hij hun bijvoorbeeld dit: 'Luister! Een zaaier ging zijn land op om te zaaien. Bij het zaaien viel een gedeelte langs de weg. Er kwamen vogels en die aten dat op. Een ander deel viel op de rotsgrond. Daar lag weinig aarde. Het zaad kwam snel op, want de grond was niet diep. Maar toen de zon was opgekomen, verschroeide het, en omdat het geen wortels had, verdorde het helemaal. Een ander gedeelte viel tussen de distels. De distels schoten op en verstikten het zaad, zodat het nooit vrucht gaf. De rest van het zaad viel in goede grond; het kwam op, groeide uit en kreeg vrucht: een deel bracht dertigmaal zoveel op, een ander deel zestig- en weer een ander deel honderdmaal.' En hij besloot: 'Wie oren heeft, moet ook luisteren!' Toen Jezus alleen was, vroegen de mensen die altijd bij hem waren en zijn twaalf leerlingen hem of hij de gelijkenissen wilde uitleggen. Hij zei hun: 'God heeft jullie het geheim van zijn koninkrijk toevertrouwd, maar de anderen die erbuiten staan, moeten het doen met gelijkenissen: hoe ze ook kijken, ze zullen niets zien; hoe ze ook luisteren, ze zullen niets verstaan. Anders zouden ze tot inkeer komen en vergeving krijgen. Als jullie deze gelijkenis niet begrijpen, welke zullen jullie dan wel begrijpen?' vroeg Jezus hun. 'De zaaier zaait het woord van God. Soms komt het woord langs de weg terecht: dat zijn zij die het woord van God wel horen, maar nauwelijks hebben ze het gehoord, of Satan komt en neemt het woord weg dat in hen is uitgezaaid. Anderen lijken op het zaad dat op de rotsbodem is gevallen. Zodra ze het woord horen, nemen ze het met vreugde aan. Maar hun geloof heeft geen wortels, het zijn mensen van het ogenblik. Worden ze onderdrukt of vervolgd om dat woord, dan laten ze het geloof meteen los. Weer anderen zijn als het zaad dat tussen de distels terechtkwam. Ook dat zijn mensen die het woord hebben gehoord, maar de zorgen van het dagelijks leven, de valse schittering van de rijkdom en de begeerte naar allerlei dingen nemen hen zo in beslag, dat het woord verstikt wordt en geen vrucht draagt. Het zaad tenslotte dat in goede grond gezaaid werd, zijn de mensen die het woord van God horen en in zich opnemen. En zij dragen vrucht: dertig, zestig- en honderdmaal zoveel.'"

"En wederom begon Hij te leren bij de zee. En een zeer grote schare verzamelde zich bij Hem, zodat Hij in een schip ging en daarin nederzat op de zee, en de gehele schare was bij de zee op het land. En Hij leerde hun vele dingen in gelijkenissen, en Hij zeide tot hen in zijn onderwijs: Hoort. Zie, een zaaier ging uit om te zaaien. En het geschiedde bij het zaaien, dat een deel langs de weg viel, en de vogels kwamen en aten het op. Een ander deel viel op steenachtige bodem, waar het niet veel aarde had, en terstond schoot het op, omdat het geen diepe aarde had. Maar toen de zon opging, verschroeide het, en omdat het geen wortel had, verdorde het. En een ander deel viel in de dorens en de dorens kwamen op en verstikten het en het gaf geen vrucht. En het overige viel in goede aarde en opkomende en uitstoelende gaf het vrucht, en het droeg tot dertigvoud, zestigvoud en honderdvoud toe. En Hij zeide: Wie oren heeft om te horen, die hore. En toen Hij [met hen] alleen was, vroegen zij die in zijn omgeving waren met de twaalven. Hem naar de gelijkenissen. En Hij zeide tot hen: U is gegeven het geheimenis van het Koninkrijk Gods, maar tot hen, die buiten staan, komt alles in gelijkenissen, dat zij ziende zien en niet bemerken, en horende horen en niet verstaan, opdat zij zich niet bekeren en hun vergeven worde. En Hij zeide tot hen: Weet gij niet, wat deze gelijkenis betekent, en hoe zult gij dan al de gelijkenissen verstaan? De zaaier zaait het woord. Dit zijn degenen, die langs de weg zijn: waar het woord gezaaid wordt, en zodra zij het horen, komt terstond de satan en neemt het woord, dat in hen gezaaid is, weg. En evenzo zijn, die op steenachtige plaatsen gezaaid worden, degenen, die, zodra zij het woord horen, het terstond met blijdschap aannemen. Doch zij hebben geen wortel in zich, maar zijn mensen van het ogenblik; wanneer later verdrukking of vervolging komt om der wille van het woord, komen zij terstond ten val. En een ander deel zijn degenen, die in de dorens gezaaid worden: dit zijn zij, die het woord horen, maar de zorgen van de wereld en het bedrog van de rijkdom en de begeerten naar al het andere komen erbij en verstikken het woord en het wordt onvruchtbaar. En dit zijn degenen, die in goede aarde gezaaid zijn: zij, die het woord horen en in zich opnemen en vrucht dragen, dertigvoud en zestigvoud en honderdvoud."

"Weer ging hij naar het meer om de mensen te onderwijzen; er kwam een enorme menigte om hem heen staan. Daarom ging hij in de boot op het meer zitten, terwijl de menigte op de oever bleef staan. Hij onderwees hen uitvoerig en sprak hen toe in gelijkenissen. Hij zei: 'Luister. Iemand ging eens naar zijn land om te zaaien. Tijdens het zaaien viel een deel van het zaad op de weg, en de vogels kwamen en aten het op. Een ander deel viel op rotsachtige grond, waar maar weinig aarde was, en het schoot meteen op omdat het niet diep in de grond kon doordringen; en toen de zon opkwam verschroeide het jonge groen, en omdat het geen wortel had droogde het uit. Weer ander zaad viel tussen de distels, en de distels schoten op en verstikten het en het bracht geen vrucht voort. Maar er waren ook zaadjes die in goede grond vielen en wel vrucht voortbrachten: ze schoten op en groeiden en droegen vrucht. Sommige leverden het dertigvoudige op, andere het zestigvoudige en weer andere het honderdvoudige.' En hij zei: 'Wie oren heeft om te horen, moet goed luisteren!' Toen hij weer alleen was met zijn volgelingen en met de twaalf, stelden ze hem vragen over de gelijkenissen. Hij zei tegen hen: 'Aan jullie is het geheim van het koninkrijk van God onthuld; maar zij die buiten blijven staan, krijgen alles te horen in gelijkenissen, "opdat ze scherp zien, maar geen inzicht hebben, opdat ze goed horen, maar niets begrijpen, anders zouden ze zich bekeren en vergeving krijgen."' Hij zei tegen hen: 'Begrijpen jullie deze gelijkenis niet? Hoe zullen jullie alle andere gelijkenissen dan begrijpen? De zaaier zaait het woord. Sommigen zijn als het zaad dat op de weg valt: het woord wordt wel gezaaid, maar wanneer ze het gehoord hebben, komt meteen Satan om het woord weg te graaien dat in hen gezaaid is. Anderen zijn als het zaad dat op rotsgrond is gezaaid: wanneer zij het woord hebben gehoord, nemen ze het meteen met vreugde in zich op, maar in hen schiet het geen wortel, ze zijn te oppervlakkig, en als ze vanwege het woord worden beproefd of vervolgd, houden ze geen ogenblik stand. Weer anderen zijn als het zaad dat tussen de distels is gezaaid: ze hebben het woord wel gehoord, maar de zorgen om het dagelijks bestaan en de verleiding van de rijkdom en hun verlangens naar allerlei andere dingen komen ertussen en verstikken het woord, zodat het zonder vrucht blijft. Maar er zijn ook mensen die zijn als het zaad dat op goede grond is gezaaid: zij horen het woord en aanvaarden het en dragen vrucht, sommigen dertigvoudig, anderen zestigvoudig en weer anderen honderdvoudig.'"

"Toen Jezus eens bij het meer was, kwamen er zoveel mensen naar Hem luisteren dat Hij maar in een boot ging zitten. Van daaruit sprak Hij verder tot de vele mensen die op de oever stonden. Om duidelijk te maken wat Hij bedoelde, vertelde Jezus gewoonlijk een gelijkenis. Dat deed Hij nu ook. luister," zei Hij, "een boer ging naar zijn land om te zaaien. Daarbij viel er wat zaad op het pad. De vogels kwamen erop af en pikten het weg. Er viel ook zaad op plaatsen waar veel stenen in de grond zaten. Daar lag maar een dun laagje aarde. Het zaad kwam daardoor wel vlug op, maar toen de felle zon ging schijnen, verschroeide het. Het ging dood, omdat het nauwelijks wortels had. Ander zaad viel tussen de distels. De distels overwoekerden het, zodat er geen vrucht aan kwam. Maar het zaad dat in goede grond viel, kwam mooi op. Het werd rijp en gaf een grote opbrengst. Wel dertig, zestig en honderd keer zoveel als was gezaaid. Onthoud dit goed!" Later waren Zijn twaalf discipelen en enkele anderen met Hem alleen. Zij vroegen wat Hij nu eigenlijk met die gelijkenis bedoelde. Jezus antwoordde: "Jullie horen dingen over het Koninkrijk van God, die voor degenen die er buiten staan nog verborgen zijn. Die mensen vertel Ik er over met behulp van gelijkenissen. Er staat immers geschreven: 'Hun oren zijn doof en hun ogen zitten dicht. Daarom zullen zij niets zien, horen of begrijpen. Daarom kunnen zij niet naar God terugkeren, want dan zou Hij hen vergeven.' Dus jullie begrijpen de gelijkenis niet? Hoe zullen jullie dan mijn andere verhalen begrijpen? De boer is hij die Gods woord bekendmaakt. Hij probeert het goede zaad in het leven van anderen te zaaien. Het pad waar een deel van het zaad op terechtkwam, zijn de mensen die wel het woord van God horen, maar het meteen weer vergeten. De duivel is er in geslaagd het goede zaad weg te nemen. De steenachtige grond zijn de mensen die het woord van God horen en meteen erg enthousiast zijn. Maar het zit bij hen niet diep, ze zijn oppervlakkig. Als zij (door hun enthousiasme over Gods woord) problemen krijgen, moeten zij er ineens niets meer van hebben. De grond met distels erop zijn de mensen die het woord van God horen en er ook in geloven. Maar de zorgen van het leven, de zinloze jacht naar rijkdom en het verlangen naar allerlei andere dingen krijgen de overhand. Het gevolg is dat deze mensen niets doen met wat zij hebben gehoord. Maar de goede grond stelt de mensen voor, die het woord van God horen en er met hun hele hart in geloven. Zij doen er iets mee. Het goede zaad brengt vrucht voort in hun leven. Wel dertig, zestig en honderd keer zoveel als is gezaaid."

 

Lees deze Wat Jezus deed in:
- Engels

 

Vorige Wat Jezus Deed

4 maart 2020 Markus 4:18-19
3 maart 2020 Markus 4:16-17
2 maart 2020 Markus 4:15
1 maart 2020 Markus 4:14
29 februari 2020 Markus 15:36-39
28 februari 2020 Markus 4:12-13
27 februari 2020 Markus 4:10-11
 

Home