Lees meer...

Gratis E-maildiensten!

Ontvang GRATIS dagelijks reflecties en meer via e-mail!

Dagelijkse Overdenking
Wat Jezus Deed
Dagelijks Christelijke Quote
Dagelijks Bijbelvers

 

Wat Jezus Deed

Maandag 2 december 2019

 

Lukas 22:7-13

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"En de dag der ongehevelde [broden] kwam, op denwelken het pascha moest geslacht worden. En Hij zond Petrus en Johannes uit, zeggende: Gaat heen, en bereidt ons het pascha, opdat wij het eten mogen. En zij zeiden tot Hem: Waar wilt Gij, dat wij het bereiden? En Hij zeide tot hen: Ziet, als gij in de stad zult gekomen zijn, zo zal u een mens ontmoeten, dragende een kruik waters; volgt hem in het huis, daar hij ingaat. En gij zult zeggen tot den huisvader van dat huis: De Meester zegt u: Waar is de eetzaal, daar Ik het pascha met Mijn discipelen eten zal? En hij zal u een grote toegeruste opperzaal wijzen, bereidt het aldaar. En zij, heengaande, vonden het, gelijk Hij hun gezegd had, en bereidden het pascha."

"De feesttijd van het Ongegiste Brood begon met de dag waarop het paaslam moest worden geslacht. Jezus stuurde Petrus en Johannes eropuit met de opdracht: 'Jullie moeten voor ons het paasmaal gaan klaarmaken.' 'Waar wilt u dat we het klaarmaken?' vroegen zij. 'Luister!' antwoordde hij. 'Ga de stad in; daar zul je een man tegenkomen die een kruik water draagt. Volg hem naar het huis waar hij binnengaat, en zeg tegen de heer des huizes: De meester vraagt: Waar is het vertrek waar ik met mijn leerlingen het paasmaal kan eten? En hij zal je boven een ruim, ingericht vertrek laten zien; daar kun je het klaarmaken.' Ze gingen weg en alles was zoals Jezus het hun gezegd had. En ze maakten het paasmaal klaar."

"De dag van het Ongedesemde brood waarop het pesachlam geslacht moest worden, brak aan. Jezus stuurde Petrus en Johannes op pad met de woorden: 'Ga voor ons het pesachmaal bereiden, zodat we het kunnen eten.' Ze vroegen hem: 'Waar wilt u dat we het bereiden?' Hij antwoordde: 'Let op, wanneer jullie de stad in gegaan zijn, zal jullie een man tegemoet komen die een kruik water draagt. Volg hem naar het huis waar hij binnengaat, en zeg tegen de heer van dat huis: "De Meester vraagt u: 'Waar is het gastenvertrek waar ik met mijn leerlingen het pesachmaal kan eten?'" Hij zal jullie een grote bovenzaal wijzen die al is ingericht; maak het daar klaar.' Ze gingen op weg, en alles gebeurde zoals hij gezegd had, en ze bereidden het pesachmaal."

"De dag van het Ongedesemde brood waarop het pesachlam geslacht moest worden, brak aan. Jezus stuurde Petrus en Johannes op pad met de woorden: 'Ga voor ons het pesachmaal bereiden, zodat we het kunnen eten.' Ze vroegen hem: 'Waar wilt u dat we het bereiden?' Hij antwoordde: 'Let op, wanneer jullie de stad in gegaan zijn, zal jullie een man tegemoet komen die een kruik water draagt. Volg hem naar het huis waar hij binnengaat, en zeg tegen de heer van dat huis: "De Meester vraagt u: 'Waar is het gastenvertrek waar ik met mijn leerlingen het pesachmaal kan eten?'" Hij zal jullie een grote bovenzaal wijzen die al is ingericht; maak het daar klaar.' Ze gingen op weg, en alles gebeurde zoals hij gezegd had, en ze bereidden het pesachmaal."

"Op de eerste dag van het Paasfeest moest in ieder gezin een lam of een geitje worden geslacht. Toen die dag aanbrak, stuurde Jezus Petrus en Johannes erop uit om het Paasmaal klaar te maken. "Waar moeten we dat doen?" vroegen ze. "Zodra jullie de stad binnenkomen," antwoordde Hij, "zul je een man zien die een kruik water draagt. Volg hem en ga hetzelfde huis binnen als hij. Zeg tegen de huiseigenaar: 'De Meester vraagt of u ons de kamer wilt laten zien waar Hij en Zijn discipelen het Paasmaal kunnen eten.' Hij zal jullie meenemen naar boven, naar een grote, compleet ingerichte kamer. Maak daar het Paasmaal klaar." Ze gingen naar de stad en alles was precies zoals Jezus had gezegd. Daar maakten ze het eten klaar."

 

Overdenking van vandaag:

Hoewel we misschien net zo veel vragen over deze passage hebben als antwoorden, één ding is zeker: wanneer Jezus vraagt, gehoorzamen zijn leerlingen en ze vinden dat dingen horen te zijn zoals Jezus zei. Dus hoe gaat het met jou in het focussen op de Heer en zijn woorden? Waarom laat je jouw inzet niet opleven door elk van de evangeliën minstens eenmaal te lezen nu kerst nadert? Vraag de Vader om je te helpen om niet alleen zijn waarheid geopenbaard door Jezus te horen, maar het ook te gehoorzamen!

 

Gebed:

Vader, dank u dat Jezus' woorden zeker zijn. Wees met mij als ik probeer uw Zoon beter te kennen, zijn woorden meer compleet te gehoorzamen en meer perfect een afspiegeling van zijn karakter te zijn. In Jezus' naam. Amen.

 

Contekst: Lukas 22:1-13

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"En het feest der ongehevelde [broden], genaamd pascha, was nabij. En de overpriesters en de Schriftgeleerden zochten, hoe zij Hem ombrengen zouden; want zij vreesden het volk. En de satan voer in Judas, die toegenaamd was Iskariot, zijnde uit het getal der twaalven. En hij ging heen en sprak met de overpriesters en de hoofdmannen, hoe hij Hem hun zou overleveren. En zij waren verblijd, en zijn het eens geworden, dat zij hem geld geven zouden. En hij beloofde het, en zocht gelegenheid, om Hem hun over te leveren, zonder oproer. En de dag der ongehevelde [broden] kwam, op denwelken het pascha moest geslacht worden. En Hij zond Petrus en Johannes uit, zeggende: Gaat heen, en bereidt ons het pascha, opdat wij het eten mogen. En zij zeiden tot Hem: Waar wilt Gij, dat wij het bereiden? En Hij zeide tot hen: Ziet, als gij in de stad zult gekomen zijn, zo zal u een mens ontmoeten, dragende een kruik waters; volgt hem in het huis, daar hij ingaat. En gij zult zeggen tot den huisvader van dat huis: De Meester zegt u: Waar is de eetzaal, daar Ik het pascha met Mijn discipelen eten zal? En hij zal u een grote toegeruste opperzaal wijzen, bereidt het aldaar. En zij, heengaande, vonden het, gelijk Hij hun gezegd had, en bereidden het pascha."

"De feesttijd naderde waarin de Joden ongegist brood eten en die Pasen wordt genoemd. De opperpriesters en de schriftgeleerden zochten nog steeds naar een mogelijkheid om Jezus te doden; want ze waren bang voor het volk. Toen nam Satan bezit van Judas, die ook Iskariot wordt genoemd, en die behoorde tot de groep van twaalf. Hij ging naar de opperpriesters en de tempelwacht en besprak met hen hoe hij Jezus aan hen wilde uitleveren. Zij waren er verheugd over en kwamen overeen hem ervoor te betalen. Hij stemde daarmee in en begon uit te zien naar een gunstige gelegenheid om hem aan hen uit te leveren, zonder dat er volk bij was. De feesttijd van het Ongegiste Brood begon met de dag waarop het paaslam moest worden geslacht. Jezus stuurde Petrus en Johannes eropuit met de opdracht: 'Jullie moeten voor ons het paasmaal gaan klaarmaken.' 'Waar wilt u dat we het klaarmaken?' vroegen zij. 'Luister!' antwoordde hij. 'Ga de stad in; daar zul je een man tegenkomen die een kruik water draagt. Volg hem naar het huis waar hij binnengaat, en zeg tegen de heer des huizes: De meester vraagt: Waar is het vertrek waar ik met mijn leerlingen het paasmaal kan eten? En hij zal je boven een ruim, ingericht vertrek laten zien; daar kun je het klaarmaken.' Ze gingen weg en alles was zoals Jezus het hun gezegd had. En ze maakten het paasmaal klaar."

"Het feest nu der ongezuurde broden, dat Pascha genoemd wordt, naderde. En de overpriesters en de schriftgeleerden zochten, hoe zij Hem uit de weg konden ruimen, want zij waren bang voor het volk. En de satan voer in Judas, genaamd Iskariot, die tot het getal der twaalven behoorde. En hij ging heen en besprak met de overpriesters en hoofdlieden, hoe hij Hem aan hen zou overleveren. En zij verblijdden zich en kwamen overeen hem geld te geven. En hij stemde daarmede in en zocht een goede gelegenheid om Hem, buiten de schare om, aan hen over te leveren. De dag der ongezuurde broden kwam, waarop het Pascha moest geslacht worden. En Hij zond Petrus en Johannes uit, zeggende: Gaat heen, maakt het Pascha voor ons gereed, opdat wij het kunnen eten. En zij zeiden tot Hem: Waar wilt Gij, dat wij het gereed maken? Hij zeide tot hen: Zie, wanneer gij de stad inkomt, zal u een man tegenkomen, die een kruik water draagt. Volgt Hem in het huis, dat hij binnengaat, en zegt dan tot de heer van dat huis: De Meester zegt u: Waar is het vertrek, waar Ik met mijn discipelen het Pascha kan eten? En hij zal u een grote bovenzaal wijzen, van alles voorzien: maakt het daar gereed. En zij gingen heen en vonden het zoals Hij hun gezegd had, en zij maakten het Pascha gereed."

"Het feest van het Ongedesemde brood, dat Pesach genoemd wordt, was bijna aangebroken. De hogepriesters en de schriftgeleerden zochten naar een mogelijkheid om hem uit de weg te ruimen, maar dan heimelijk, bang als ze waren voor de reactie van het volk. Toen nam Satan bezit van Judas, bijgenaamd Iskariot, een van de twaalf. Hij ging naar de hogepriesters en tempelwachters en besprak met hen hoe hij Jezus aan hen zou kunnen uitleveren. Ze waren opgetogen en spraken af dat ze hem voor zijn diensten zouden betalen. Judas nam hun aanbod aan en zocht een gunstige gelegenheid om Jezus aan hen uit te leveren, zonder dat het volk het zou merken. De dag van het Ongedesemde brood waarop het pesachlam geslacht moest worden, brak aan. Jezus stuurde Petrus en Johannes op pad met de woorden: 'Ga voor ons het pesachmaal bereiden, zodat we het kunnen eten.' Ze vroegen hem: 'Waar wilt u dat we het bereiden?' Hij antwoordde: 'Let op, wanneer jullie de stad in gegaan zijn, zal jullie een man tegemoet komen die een kruik water draagt. Volg hem naar het huis waar hij binnengaat, en zeg tegen de heer van dat huis: "De Meester vraagt u: 'Waar is het gastenvertrek waar ik met mijn leerlingen het pesachmaal kan eten?'" Hij zal jullie een grote bovenzaal wijzen die al is ingericht; maak het daar klaar.' Ze gingen op weg, en alles gebeurde zoals hij gezegd had, en ze bereidden het pesachmaal."

"Ondertussen was het bijna Pasen geworden. Tijdens dat feest eten de Joden alleen brood dat zonder gist gebakken is. De leidende priesters en godsdienstleraars probeerden nog steeds een listige manier te vinden om Jezus uit de weg te ruimen. Ze wilden Hem doden zonder het risico te lopen dat het volk zich tegen hen zou keren. Want daar waren ze toch wel erg bang voor. Satan kwam in Judas Iskariot, één van de twaalf discipelen. Daarop ging Judas naar de leidende priesters en de tempelwachters om met hen te overleggen hoe hij hen kon helpen Jezus gevangen te nemen. Die waren daar natuurlijk blij mee. Zij besloten hem er geld voor te geven. Judas vond dat best en begon uit te kijken naar een gelegenheid om Jezus te laten gevangen nemen zonder dat de mensen er iets van zouden merken. Op de eerste dag van het Paasfeest moest in ieder gezin een lam of een geitje worden geslacht. Toen die dag aanbrak, stuurde Jezus Petrus en Johannes erop uit om het Paasmaal klaar te maken. "Waar moeten we dat doen?" vroegen ze. "Zodra jullie de stad binnenkomen," antwoordde Hij, "zul je een man zien die een kruik water draagt. Volg hem en ga hetzelfde huis binnen als hij. Zeg tegen de huiseigenaar: 'De Meester vraagt of u ons de kamer wilt laten zien waar Hij en Zijn discipelen het Paasmaal kunnen eten.' Hij zal jullie meenemen naar boven, naar een grote, compleet ingerichte kamer. Maak daar het Paasmaal klaar." Ze gingen naar de stad en alles was precies zoals Jezus had gezegd. Daar maakten ze het eten klaar."

 

Lees deze Wat Jezus deed in:
- Engels

 

Vorige Wat Jezus Deed

1 december 2019 Lukas 22:1-6
30 november 2019 Lukas 21:37-38
29 november 2019 Lukas 21:34-36
28 november 2019 Lukas 21:29-33
27 november 2019 Lukas 21:20-28
26 november 2019 Lukas 21:12-19
25 november 2019 Lukas 21:8-11
 

Home