Lees meer...

Gratis E-maildiensten!

Ontvang GRATIS dagelijks reflecties en meer via e-mail!

Dagelijkse Overdenking
Wat Jezus Deed
Dagelijks Christelijke Quote
Dagelijks Bijbelvers

 

Wat Jezus Deed

Donderdag 11 juli 2019

 

Lukas 10:36-37

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"Wie dan van deze drie dunkt u de naaste geweest te zijn desgenen, die onder de moordenaars gevallen was? En hij zeide: Die barmhartigheid aan hem gedaan heeft. Zo zeide dan Jezus tot hem: Ga heen, en doe gij desgelijks."

"En Jezus besloot: 'Wat denkt u? Wie van deze drie is de naaste geweest van de man die in handen viel van de rovers?' 'Degene die zich het lot van de man aantrok,' antwoordde de wetgeleerde. En Jezus zei: 'Ga dan en doe als hij.'"

"Wie van deze drie is volgens u de naaste geworden van het slachtoffer van de rovers?' De wetgeleerde zei: 'De man die medelijden met hem heeft getoond.' Toen zei Jezus tegen hem: 'Doet u dan voortaan net zo.'"

"Wie van deze drie is volgens u de naaste geworden van het slachtoffer van de rovers?' De wetgeleerde zei: 'De man die medelijden met hem heeft getoond.' Toen zei Jezus tegen hem: 'Doet u dan voortaan net zo.'"

"Wat denkt u? Wie van deze drie was de medemens van het slachtoffer van de roofoverval?" "De man die medelijden met hem had," was het antwoord. "Precies," zei Jezus. "Volg zijn voorbeeld dan."

 

Overdenking van vandaag:

Wie is onze naaste? Niet iemand die iets kan doen VOOR ons, maar degene die een nood heeft waar Jezus aan kan voldoen door ons. Laten we deze naaste zijn vandaag!

 

Gebed:

Open mijn ogen, Heer, voor de persoon die mij nodig heeft om zijn of haar naaste te zijn vandaag. In Jezus' naam bid ik. Amen.

 

Contekst: Lukas 10:25-37

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"En ziet, een zeker wetgeleerde stond op, Hem verzoekende, en zeggende: Meester, wat doende zal ik het eeuwige leven beerven? En Hij zeide tot hem: Wat is in de wet geschreven? Hoe leest gij? En hij, antwoordende, zeide: Gij zult den Heere, uw God, liefhebben, uit geheel uw hart, en uit geheel uw ziel, en uit geheel uw kracht, en uit geheel uw verstand; en uw naaste als uzelven. En Hij zeide tot hem: Gij hebt recht geantwoord; doe dat, en gij zult leven. Maar hij, willende zichzelven rechtvaardigen, zeide tot Jezus: En wie is mijn naaste? En Jezus, antwoordende, zeide: Een zeker mens kwam af van Jeruzalem naar Jericho, en viel onder de moordenaars, welke, hem ook uitgetogen, en daartoe [zware] slagen gegeven hebbende, heengingen, en lieten [hem] half dood liggen. En bij geval kwam een zeker priester denzelven weg af, en hem ziende, ging hij tegenover [hem] voorbij. En desgelijks ook een Leviet, als hij was bij die plaats, kwam hij, en zag [hem], en ging tegenover [hem] voorbij. Maar een zeker Samaritaan, reizende, kwam omtrent hem, en hem ziende, werd hij met innerlijke ontferming bewogen. En hij, tot [hem] gaande, verbond zijn wonden, gietende daarin olie en wijn; en hem heffende op zijn eigen beest, voerde hem in de herberg en verzorgde hem. En des anderen daags weggaande, langde hij twee penningen uit, en gaf ze den waard, en zeide tot hem: Draag zorg voor hem: en zo wat gij meer [aan] [hem] ten koste zult leggen, dat zal ik u wedergeven, als ik wederkom. Wie dan van deze drie dunkt u de naaste geweest te zijn desgenen, die onder de moordenaars gevallen was? En hij zeide: Die barmhartigheid aan hem gedaan heeft. Zo zeide dan Jezus tot hem: Ga heen, en doe gij desgelijks."

"Er kwam een wetgeleerde naar Jezus toe die hem op de proef wilde stellen. Hij vroeg: 'Meester, wat moet ik doen om deel te krijgen aan het eeuwige leven?' Jezus zei tegen hem: 'Wat staat er in de wet? Wat leest u daar?' Hij antwoordde: 'Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en heel uw ziel, met inzet van al uw krachten en met heel uw verstand, en heb uw naaste lief als uzelf.' Toen zei Jezus: 'Dat is goed geantwoord; doe dat en u zult leven.' Maar de man wilde zichzelf rechtvaardigen en zei: 'En wie is dan mijn naaste?' Daarop zei Jezus: 'Er was eens een man die van Jeruzalem naar Jericho ging en door rovers werd overvallen. Ze beroofden hem en sloegen hem en lieten hem halfdood liggen. Nu kwam daar een priester langs, op weg naar Jericho. Hij zag hem liggen, maar ging met een boog om hem heen. Hetzelfde deed een Leviet die daarlangs kwam; ook hij ging toen hij de man zag liggen, met een boog voorbij. Een Samaritaan die op reis was, kwam daar ook langs. Maar toen hij hem zag liggen, was hij met hem begaan. Hij ging naar hem toe, verzorgde zijn wonden met olie en wijn en verbond ze. Toen zette hij hem op zijn eigen ezel en bracht hem naar een herberg waar hij voor hem zorgde. De volgende dag nam hij twee zilverstukken, hij gaf die aan de herbergier en zei: Zorg voor hem, en mocht u meer kosten maken, dan zal ik u betalen als ik terugkom!' En Jezus besloot: 'Wat denkt u? Wie van deze drie is de naaste geweest van de man die in handen viel van de rovers?' 'Degene die zich het lot van de man aantrok,' antwoordde de wetgeleerde. En Jezus zei: 'Ga dan en doe als hij.'"

"En zie, een wetgeleerde stond op om Hem te verzoeken en zeide: Meester, wat moet ik doen om het eeuwige leven te beerven? En Hij zeide tot hem: Wat staat in de wet geschreven? Hoe leest gij? Hij antwoordde en zeide: Gij zult de Here, uw God, liefhebben uit geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw kracht en met geheel uw verstand, en uw naaste als uzelf. En Hij zeide tot hem: Gij hebt juist geantwoord; doe dat en gij zult leven. Maar hij wilde zich rechtvaardigen en zeide tot Jezus: En wie is mijn naaste? Daarop hernam Jezus en zeide: Een zeker mens daalde af van Jeruzalem naar Jericho en viel in de handen van rovers, die hem niet alleen uitschudden, maar ook slagen gaven en weggingen, terwijl zij hem halfdood lieten liggen. Bij geval daalde een priester af langs die weg; en deze zag hem, doch ging aan de overzijde voorbij. Evenzo ging ook een Leviet langs die plaats, en hij zag hem en ging aan de overzijde voorbij. Doch een Samaritaan, die op reis was, kwam in zijn nabijheid, en toen hij hem zag, werd hij met ontferming bewogen. En hij ging naar hem toe, verbond zijn wonden, goot er olie en wijn op; en hij zette hem op zijn eigen rijdier, bracht hem naar een herberg en verzorgde hem. En de volgende dag stelde hij de waard twee schellingen ter hand en zeide: Verzorg hem en mocht gij meer kosten hebben, dan zal ik ze u vergoeden, op mijn terugreis. Wie van deze drie dunkt u, dat de naaste geweest is van de man, die in handen der rovers was gevallen? Hij zeide: Die hem barmhartigheid bewezen heeft. En Jezus zeide tot hem: Ga heen, doe gij evenzo."

"Er kwam een wetgeleerde die hem op de proef wilde stellen. Hij vroeg: 'Meester, wat moet ik doen om deel te krijgen aan het eeuwige leven?' Jezus antwoordde: 'Wat staat er in de wet geschreven? Wat leest u daar?' De wetgeleerde antwoordde: 'Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw kracht en met heel uw verstand, en uw naaste als uzelf.' 'U hebt juist geantwoord, 'zei Jezus tegen hem. 'Doe dat en u zult leven.' Maar de wetgeleerde wilde zich rechtvaardigen en vroeg aan Jezus: 'Wie is mijn naaste?' Toen vertelde Jezus hem het volgende: 'Er was eens iemand die van Jeruzalem naar Jericho reisde en onderweg werd overvallen door rovers, die hem zijn kleren uittrokken, hem mishandelden en hem daarna halfdood achterlieten. Toevallig kwam er een priester langs, maar toen hij het slachtoffer zag liggen, liep hij met een boog om hem heen. Er kwam ook een Leviet langs, maar bij het zien van het slachtoffer liep ook hij met een boog om hem heen. Een Samaritaan echter, die op reis was, kreeg medelijden toen hij hem zag liggen. Hij ging naar de gewonde man toe, goot olie en wijn over zijn wonden en verbond ze. Hij zette hem op zijn eigen rijdier en bracht hem naar een logement, waar hij voor hem zorgde. De volgende morgen gaf hij twee denarie aan de eigenaar en zei: "Zorg voor hem, en als u meer kosten moet maken, zal ik u die op mijn terugreis vergoeden." Wie van deze drie is volgens u de naaste geworden van het slachtoffer van de rovers?' De wetgeleerde zei: 'De man die medelijden met hem heeft getoond.' Toen zei Jezus tegen hem: 'Doet u dan voortaan net zo.'"

"Op een dag was er een godsdienstleraar die wilde onderzoeken of Jezus' ideeŽn wel zuiver waren. "Meester," vroeg hij, "wat moet ik doen om eeuwig leven te krijgen?" Jezus vroeg: "Wat zegt de wet van Mozes daarover?" Hij antwoordde: "U moet van de Here, uw God houden met heel uw hart, heel uw ziel, heel uw kracht en heel uw verstand. En u moet net zoveel van uw medemens houden als van uzelf." "Goed!" zei Jezus. "Doe dat en u zult eeuwig leven krijgen." De man voelde zich aangesproken. Om zich te rechtvaardigen, vroeg hij: "Wie is eigenlijk mijn medemens?" Als antwoord gaf Jezus hem dit voorbeeld: "Een man reisde van Jeruzalem naar Jericho. Onderweg werd hij door rovers overvallen. Zij rukten hem de kleren van het lijf, sloegen hem bont en blauw en lieten hem halfdood langs de weg liggen. Toevallig kwam een priester langs. Maar toen hij de man zag liggen, ging hij aan de overkant van de weg voorbij. Een tempeldienaar die voorbijkwam, deed hetzelfde en liet de man gewoon liggen. Gelukkig kwam er ook iemand langs die medelijden kreeg toen hij hem daar zag liggen. Het was een Samaritaan, een vijand van de Joden. De Samaritaan knielde naast hem neer, verzorgde zijn wonden met olie en wijn en legde er verband om. Daarna tilde hij hem op zijn ezel en ging er zelf naast lopen. Zij kwamen bij een herberg, waar hij hem verder verzorgde. De volgende morgen gaf hij de herbergier twee zilveren munten en zei: 'Zorg goed voor hem. Mocht dit geld niet genoeg zijn, dan betaal ik de rest de volgende keer wel.' Wat denkt u? Wie van deze drie was de medemens van het slachtoffer van de roofoverval?" "De man die medelijden met hem had," was het antwoord. "Precies," zei Jezus. "Volg zijn voorbeeld dan."

 

Lees deze Wat Jezus deed in:
- Engels

 

Vorige Wat Jezus Deed

10 juli 2019 Lukas 10:30-35
9 juli 2019 Lukas 10:29
8 juli 2019 Lukas 10:25-28
7 juli 2019 Lukas 10:23-24
6 juli 2019 Lukas 10:22
5 juli 2019 Lukas 10:21
4 juli 2019 Lukas 10:18-20
 

Home