Lees meer...

Gratis E-maildiensten!

Ontvang GRATIS dagelijks reflecties en meer via e-mail!

Dagelijkse Overdenking
Wat Jezus Deed
Dagelijks Christelijke Quote
Dagelijks Bijbelvers

 

Wat Jezus Deed

Maandag 9 januari 2017

 

MatthŽus 2:3-6

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"De koning Herodes nu, [dit] gehoord hebbende, werd ontroerd, en geheel Jeruzalem, met hem. En bijeenvergaderd hebbende al de overpriesters en Schriftgeleerden des volks, vraagde van hen, waar de Christus zou geboren worden. En zij zeiden tot hem: Te Bethlehem, in Judea [gelegen]; want alzo is geschreven door den profeet: En gij Bethlehem, [gij] land Juda! zijt geenszins de minste onder de vorsten van Juda; want uit u zal de Leidsman voortkomen, Die Mijn volk Israel weiden zal."

"Toen koning Herodes hiervan hoorde, schrok hij zeer, en met hem heel Jeruzalem. Hij riep alle opperpriesters en schriftgeleerden van het volk bijeen en wilde van hen weten waar de Christus geboren zou worden. 'In Betlehem in Judea,' antwoordden ze, 'want de profeet heeft geschreven: En u, Betlehem in het land van Juda, u bent zeker niet de minste onder de groten van Juda, want een groot man zult u voortbrengen, de herder van mijn volk IsraŽl.'"

"Koning Herodes schrok hevig toen hij dit hoorde, en heel Jeruzalem met hem. Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk samen om aan hen te vragen waar de messias geboren zou worden. 'In Betlehem in Judea, 'zeiden ze tegen hem, 'want zo staat het geschreven bij de profeet: "En jij, Betlehem in het land van Juda, bent zeker niet de minste onder de leiders van Juda, want uit jou komt een leider voort die mijn volk IsraŽl zal hoeden."'"

"Koning Herodes schrok hevig toen hij dit hoorde, en heel Jeruzalem met hem. Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk samen om aan hen te vragen waar de messias geboren zou worden. 'In Betlehem in Judea, 'zeiden ze tegen hem, 'want zo staat het geschreven bij de profeet: "En jij, Betlehem in het land van Juda, bent zeker niet de minste onder de leiders van Juda, want uit jou komt een leider voort die mijn volk IsraŽl zal hoeden."'"

"Toen koning Herodes dit hoorde, raakte hij in paniek. In de stad was de spanning voelbaar. Hij riep de leidende priesters en de godsdienstleraars bijeen en vroeg of zij wisten waar de Christus zou worden geboren. "In Bethlehem," antwoordden zij. "In Judea. Want de profeet Micha heeft geschreven: 'Bethlehem in Efratha, u bent ťťn van de kleinste steden in Juda, maar toch zult u de geboorteplaats zijn van onze Koning, die mijn volk zal leiden."

 

Overdenking van vandaag:

God is vol van verrassingen; hij heeft herhaaldelijk zijn volk geholpen om zijn grootste werken van verlossing te begrijpen, er zelfs naar uit te kijken. De profeten hadden gezien dat er een nieuwe David zou komen voor de verlossing en om Gods volk te leiden. Net als de eerdere David, zou de nieuwe David ook een herder zijn uit de stad Bethlehem.  

Maar, zoals zo velen in onze tijd, was Herodes meer geÔnteresseerd in het begrijpen van Gods plan en het te gebruiken ten gunste van zichzelf dan gevormd te worden in een persoon van God. We moeten leren dat Gods Woord in de geschriften ons is gegeven om ons te helpen God te kennen, te gehoorzamen en te aanbidden, niet enkel voor het verzamelen van een aantal feiten die we kunnen gebruiken voor ons eigen persoonlijk voordeel.

 

Gebed:

Vader, ik wil uw Woord kennen, zodat ik vollediger aan uw wil kan gehoorzamen. Help me alstublieft uw waarheid te vinden en ernaar te leven, niet alleen maar erover discussiŽren of het voor mijn eigen egoÔstische doeleinden gebruiken. Ik bid dit in de naam van het levende Woord. Amen.

 

Contekst: MatthŽus 2:1-12

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"Toen nu Jezus geboren was te Bethlehem, [gelegen] in Judea, in de dagen van den koning Herodes, ziet, [enige] wijzen van het Oosten zijn te Jeruzalem aangekomen. Zeggende: Waar is de geboren Koning der Joden? want wij hebben gezien Zijn ster in het Oosten, en zijn gekomen om Hem te aanbidden. De koning Herodes nu, [dit] gehoord hebbende, werd ontroerd, en geheel Jeruzalem, met hem. En bijeenvergaderd hebbende al de overpriesters en Schriftgeleerden des volks, vraagde van hen, waar de Christus zou geboren worden. En zij zeiden tot hem: Te Bethlehem, in Judea [gelegen]; want alzo is geschreven door den profeet: En gij Bethlehem, [gij] land Juda! zijt geenszins de minste onder de vorsten van Juda; want uit u zal de Leidsman voortkomen, Die Mijn volk Israel weiden zal. Toen heeft Herodes de wijzen heimelijk geroepen, en vernam naarstiglijk van hen den tijd, wanneer de ster verschenen was; En hen naar Bethlehem zendende, zeide: Reist heen, en onderzoekt naarstiglijk naar dat Kindeken, en als gij Het zult gevonden hebben, boodschapt het mij, opdat ik ook kome en Datzelve aanbidde. En zij, den koning gehoord hebbende, zijn heengereisd; en ziet, de ster, die zij in het oosten gezien hadden, ging hun voor, totdat zij kwam en stond boven [de] [plaats], waar het Kindeken was. Als zij nu de ster zagen, verheugden zij zich met zeer grote vreugde. En in het huis gekomen zijnde, vonden zij het Kindeken met Maria, Zijn moeder, en nedervallende hebben zij Hetzelve aangebeden; en hun schatten opengedaan hebbende, brachten zij Hem geschenken: goud en wierook, en mirre. En door Goddelijke openbaring vermaand zijnde in den droom, dat zij niet zouden wederkeren tot Herodes, vertrokken zij door een anderen weg weder naar hun land."

"Toen Jezus geboren was, in Betlehem in Judea, onder de regering van koning Herodes, kwamen er wijzen uit het Oosten in Jeruzalem aan. Zij vroegen: 'Waar kunnen wij de pasgeboren koning van de Joden vinden? Want wij hebben zijn ster zien opgaan en zijn gekomen om hem te aanbidden.' Toen koning Herodes hiervan hoorde, schrok hij zeer, en met hem heel Jeruzalem. Hij riep alle opperpriesters en schriftgeleerden van het volk bijeen en wilde van hen weten waar de Christus geboren zou worden. 'In Betlehem in Judea,' antwoordden ze, 'want de profeet heeft geschreven: En u, Betlehem in het land van Juda, u bent zeker niet de minste onder de groten van Juda, want een groot man zult u voortbrengen, de herder van mijn volk IsraŽl.' Vervolgens riep Herodes de wijzen in stilte bij zich en vroeg hun nauwkeurig naar de tijd waarop de ster verschenen was. Daarop zei hij hun naar Betlehem te gaan, en daar een zorgvuldig onderzoek in te stellen naar het kind. 'En,' zei hij, 'kom het me vertellen als u het kind gevonden hebt, want ik wil hem ook gaan aanbidden.' Na dit onderhoud met de koning gingen ze op weg. En nu ging de ster die ze hadden zien opgaan, voor hen uit tot boven de plek waar het kind was; daar bleef zij staan. Toen ze dat zagen, waren ze bijzonder verheugd. Ze gingen het huis binnen en zagen het kind met zijn moeder Maria. En ze wierpen zich voor hem in aanbidding neer. Ze openden hun kistjes met geschenken en boden hem goud, wierook en mirre aan. En in een droom kregen ze de waarschuwing niet meer naar Herodes te gaan. Daarom keerden ze langs een andere weg naar hun land terug."

"Toen nu Jezus geboren was te Betlehem in Judea, in de dagen van koning Herodes, zie, wijzen uit het Oosten kwamen te Jeruzalem, en vroegen: Waar is de Koning der Joden, die geboren is? Want wij hebben zijn ster in het Oosten gezien en wij zijn gekomen om Hem hulde te bewijzen. Toen koning Herodes hiervan hoorde, ontstelde hij en geheel Jeruzalem met hem. En hij liet al de overpriesters en schriftgeleerden van het volk vergaderen en trachtte van hen te vernemen, waar de Christus geboren zou worden. Zij zeiden tot hem: Te Betlehem in Judea, want aldus staat geschreven door de profeet: En gij, Betlehem, land van Juda, zijt geenszins de minste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leidsman voortkomen, die mijn volk Israel weiden zal. Toen riep Herodes de wijzen in het geheim en deed bij hen nauwkeurig navraag naar de tijd, dat de ster geschenen had. En hij liet hen naar Betlehem gaan, en zeide: Gaat en doet nauwkeurig onderzoek naar dat kind; en zodra gij het vindt, bericht het mij, opdat ook ik hem hulde ga bewijzen. Zij hoorden de koning aan en reisden weg; en zie, de ster, die zij hadden gezien in het Oosten, ging hun voor, totdat zij kwam en stond boven de plaats, waar het kind was. Toen zij de ster zagen, verheugden zij zich met zeer grote vreugde. En zij gingen het huis binnen en zagen het kind met Maria, zijn moeder, en zij vielen neder en bewezen hem hulde. En zij ontsloten hun kostbaarheden en boden hem geschenken aan: goud en wierook en mirre. En van Godswege in de droom gewaarschuwd om niet tot Herodes terug te keren, trokken zij langs een andere weg naar hun land terug."

"Toen Jezus geboren was in Betlehem in Judea, tijdens de regering van Herodes, kwamen er magiŽrs uit het Oosten in Jeruzalem aan. Ze vroegen: 'Waar is de pasgeboren koning van de Joden? Wij hebben namelijk zijn ster zien opgaan en zijn gekomen om hem eer te bewijzen.' Koning Herodes schrok hevig toen hij dit hoorde, en heel Jeruzalem met hem. Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk samen om aan hen te vragen waar de messias geboren zou worden. 'In Betlehem in Judea, 'zeiden ze tegen hem, 'want zo staat het geschreven bij de profeet: "En jij, Betlehem in het land van Juda, bent zeker niet de minste onder de leiders van Juda, want uit jou komt een leider voort die mijn volk IsraŽl zal hoeden."' Daarop riep Herodes in het geheim de magiŽrs bij zich; hij wilde precies van hen weten wanneer de ster zichtbaar geworden was, en stuurde hen vervolgens naar Betlehem met de woorden: 'Stel een nauwkeurig onderzoek in naar het kind. Stuur mij bericht zodra u het gevonden hebt, zodat ook ik erheen kan gaan om het eer te bewijzen.' Nadat ze geluisterd hadden naar wat de koning hun opdroeg, gingen ze op weg, en nu ging de ster die ze hadden zien opgaan voor hen uit, totdat hij stil bleef staan boven de plaats waar het kind was. Toen ze dat zagen, werden ze vervuld van diepe vreugde. Ze gingen het huis binnen en vonden het kind met Maria, zijn moeder. Ze wierpen zich neer om het eer te bewijzen. Daarna openden ze hun kistjes met kostbaarheden en boden het kind geschenken aan: goud en wierook en mirre. Nadat ze in een droom waren gewaarschuwd om niet naar Herodes terug te gaan, reisden ze via een andere route terug naar hun land."

"Jezus werd geboren in Bethlehem in de provincie Judea. Koning Herodes was toen aan het bewind. In dezelfde tijd kwamen er enkele sterrenkundigen uit het oosten naar Jeruzalem. "Waar kunnen wij de nieuwe koning van de Joden vinden?" vroegen zij. "Want in ons land, ver in het oosten, hebben wij een bijzondere ster zien opgaan. Daardoor wisten wij dat de grote Joodse koning geboren was. Wij zijn gekomen om Hem eer te bewijzen." Toen koning Herodes dit hoorde, raakte hij in paniek. In de stad was de spanning voelbaar. Hij riep de leidende priesters en de godsdienstleraars bijeen en vroeg of zij wisten waar de Christus zou worden geboren. "In Bethlehem," antwoordden zij. "In Judea. Want de profeet Micha heeft geschreven: 'Bethlehem in Efratha, u bent ťťn van de kleinste steden in Juda, maar toch zult u de geboorteplaats zijn van onze Koning, die mijn volk zal leiden." Herodes liet de sterrenkundigen in het geheim bij zich komen. Na te hebben uitgehoord wanneer zij de ster voor het eerst hadden gezien, liet hij hen gaan en zei: "Ga naar Bethlehem en zoek het kind. Als u het hebt gevonden, kom dan terug om mij er alles over te vertellen. Want ik wil Hem ook eer gaan bewijzen." Toen reisden de sterrenkundigen verder. Tot hun verrassing stond de bijzondere ster, die zij in het oosten hadden gezien, plotseling wťťr aan de hemel. De ster ging voor hen uit en bleef stilstaan boven het huis waar het kind woonde. Zij gingen naar binnen en vonden het kind en Zijn moeder Maria. Eerbiedig knielden zij voor Hem neer. Zij gaven Hem kostbare geschenken: goud, wierook en mirre. Maar zij gingen niet via Jeruzalem naar hun land terug. God had hen in een droom gewaarschuwd niet bij Herodes langs te gaan. Daarom kozen zij een andere weg."

 

Lees deze Wat Jezus deed in:
- Engels

 

Vorige Wat Jezus Deed

8 januari 2017 MatthŽus 2:1-2
7 januari 2017 MatthŽus 1:22-25
6 januari 2017 MatthŽus 1:20-21
5 januari 2017 MatthŽus 1:18-19
4 januari 2017 MatthŽus 1:11-17
3 januari 2017 MatthŽus 1:6b-10
2 januari 2017 MatthŽus 1:1-6a
 

Home