Lees meer...

Gratis E-maildiensten!

Ontvang GRATIS dagelijks reflecties en meer via e-mail!

Dagelijkse Overdenking
Wat Jezus Deed
Dagelijks Christelijke Quote
Dagelijks Bijbelvers

 

Wat Jezus Deed

Donderdag 27 juni 2019

 

Lukas 10:2

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"Hij zeide dan tot hen: De oogst is wel groot, maar de arbeiders zijn weinige; daarom, bidt den Heere des oogstes, dat Hij arbeiders in Zijn oogst uitstote."

"'De oogst is wel groot maar er zijn weinig arbeiders,' zei hij tegen hen. 'Vraag de heer van het land dus of hij arbeiders wil sturen om zijn oogst binnen te halen."

"Hij zei tegen hen: 'De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig; vraag dus de eigenaar van de oogst of hij arbeiders wil sturen om de oogst binnen te halen."

"Hij zei tegen hen: 'De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig; vraag dus de eigenaar van de oogst of hij arbeiders wil sturen om de oogst binnen te halen."

"Hij zei tegen hen: "Vraag God meer arbeiders te sturen om de oogst binnen te halen. Want de oogst is groot, maar er zijn te weinig arbeiders."

 

Overdenking van vandaag:

Zo vaak wringen we onze handen wanneer berichten over hoe alle christenen evangelistisch moeten zijn, niet veel verschil lijken uit te maken. Soms kunnen we gefrustreerd raken wanneer zo weinig mensen zich aanmelden voor cursussen voor evangelisatie.  

Echter, dikwijls verwaarlozen we de aanpak die Jezus bevolen had: we moeten bidden voor arbeiders voor de oogst. Waarom hebben we zo weinig mensen die de hand uitstrekken naar de verlorenen? Zou het kunnen zijn dat we niet vurig en consequent gebeden hebben tot de Heer om arbeiders uit te zenden in zijn oogstvelden?

 

Gebed:

Heilig en genadig God, beweeg alstublieft de harten van uw mensen en open de ogen van uw mensen voor de nood om de verlorenen te bereiken. Stuur arbeiders erop uit voor de oogst. In Jezus' naam. Amen.

 

Contekst: Lukas 10:1-20

         
  • Statenvertaling
  • GNV
  • NBG 1951
  • NBV
  • Het Boek

"En na dezen stelde de Heere nog andere zeventig, en zond hen heen voor Zijn aangezicht, twee en twee, in iedere stad en plaats, daar Hij komen zou. Hij zeide dan tot hen: De oogst is wel groot, maar de arbeiders zijn weinige; daarom, bidt den Heere des oogstes, dat Hij arbeiders in Zijn oogst uitstote. Gaat henen; ziet, Ik zend u als lammeren in het midden der wolven. Draagt geen buidel, noch male, noch schoenen; en groet niemand op den weg. En in wat huis gij zult ingaan, zegt eerst: Vrede [zij] dezen huize! En indien aldaar een zoon des vredes is, zo zal uw vrede op hem rusten; maar indien niet, zo zal [uw] [vrede] tot u wederkeren. En blijft in datzelve huis, etende en drinkende, hetgeen van hen [voorgezet] [wordt]; want de arbeider is zijn loon waardig; gaat niet over van [het] [ene] huis in [het] [andere] huis. En in wat stad gij zult ingaan, en zij u ontvangen, eet hetgeen ulieden voorgezet wordt. En geneest de kranken, die daarin zijn, en zegt tot hen: Het Koninkrijk Gods is nabij u gekomen. Maar in wat stad gij zult ingaan, en zij u niet ontvangen, uitgaande op haar straten, zo zegt: Ook het stof, dat uit uw stad aan ons kleeft, schudden wij af op ulieden; nochtans zo weet dit, dat het Koninkrijk Gods nabij u gekomen is. En Ik zeg u, dat het [dien] [van] Sodom verdragelijker wezen zal in dien dag, dan dezelve stad. Wee u, Chorazin, wee u, Bethsaida, want zo in Tyrus en Sidon de krachten geschied waren, die in u geschied zijn, zij zouden eertijds, in zak en as zittende, zich bekeerd hebben. Doch het zal Tyrus en Sidon verdragelijker zijn in het oordeel, dan ulieden. En gij, Kapernaum, die tot den hemel toe verhoogd zijt, gij zult tot de hel toe nedergestoten worden. Wie u hoort, die hoort Mij; en wie u verwerpt, die verwerpt Mij; en wie Mij verwerpt, die verwerpt Dengene, Die Mij gezonden heeft. En de zeventigen zijn wedergekeerd met blijdschap, zeggende: Heere, ook de duivelen zijn ons onderworpen, in Uw Naam. En Hij zeide tot hen: Ik zag den satan, als een bliksem, uit den hemel vallen. Ziet, Ik geve u de macht, om op slangen en schorpioenen te treden, en over alle kracht des vijands; en geen ding zal u enigszins beschadigen. Doch verblijdt u daarin niet, dat de geesten u onderworpen zijn; maar verblijdt u veel meer, dat uw namen geschreven zijn in de hemelen."

"Daarna wees de Heer zeventig anderen aan, die hij twee aan twee voor zich uit stuurde naar elke stad en plaats waar hij van plan was zelf heen te gaan. 'De oogst is wel groot maar er zijn weinig arbeiders,' zei hij tegen hen. 'Vraag de heer van het land dus of hij arbeiders wil sturen om zijn oogst binnen te halen. Ga op weg en weet: ik stuur jullie als schapen onder wolven. Neem geen geldbeurs mee, geen tas, geen schoenen. Groet onderweg niemand. Waar je ook binnengaat, laat het eerste wat je zegt, zijn: Vrede voor dit huis. Woont er iemand die de vrede is toegedaan, dan blijft je vredewens op hem rusten; zo niet, dan zal die vredewens bij je terugkeren. Blijf in dat huis en eet en drink wat men je aanbiedt; een arbeider is zijn loon waard. Trek niet van het ene huis naar het andere. Als je in een stad komt waar je welkom bent, eet dan wat men je voorzet; genees er de zieken en zeg tegen de mensen: Het koninkrijk van God is dicht bij u. Maar als je in een stad komt waar je niet welkom bent, verkondig dan in alle straten: Zie, zelfs het stof van uw stad, dat aan onze voeten kleeft, slaan we eraf! Maar weet wel: het koninkrijk van God is dichtbij. En ik zeg jullie: op de dag van het oordeel zal het lot van Sodom draaglijker zijn dan het lot van die stad. Wee, u Chorazin, wee, u Betsa´da! Want als in Tyrus en Sidon de wonderen gedaan waren die bij u zijn gedaan: hun inwoners zouden allang het boetekleed hebben aangetrokken en zich met as hebben bestrooid en een nieuw leven zijn begonnen. Ja, op de dag van het oordeel zal het lot van Tyrus en Sidon draaglijker zijn dan uw lot! En u, Kafarnaum, u zult hemelhoog verheven worden? U zult afdalen tot in het dodenrijk!' En hij besloot: 'Wie naar jullie luistert, luistert naar mij; wie jullie afwijst, wijst mij af, en wie mij afwijst, wijst hem af die mij gezonden heeft.' Toen de zeventig teruggekeerd waren, zeiden ze heel verheugd: 'Heer, zelfs de demonen gehoorzamen ons wanneer we uw naam noemen.' En hij zei tegen hen: 'Ik zag Satan als een bliksem uit de hemel vallen. Luister! Ik heb jullie macht gegeven slangen en schorpioenen te vertrappen en het geweld van de vijand te weerstaan. Niets zal jullie deren. Maar wees niet blij omdat de geesten je gehoorzamen; wees liever blij omdat jullie namen staan opgetekend in de hemel.'"

"Daarna wees de Here nog tweeenzeventig aan en Hij zond hen twee aan twee voor Zich uit naar alle steden en plaatsen, waar Hij zelf komen zou. En Hij zeide tot hen: De oogst is wel groot, maar arbeiders zijn er weinig. Bidt daarom de Heer van de oogst, dat Hij arbeiders uitzende in zijn oogst. Gaat heen, zie, Ik zend u als lammeren midden onder wolven. Draagt geen beurs of reiszak of sandalen, en groet niemand onderweg. Welk huis gij ook binnentreedt, zegt eerst: Vrede zij dezen huize. En indien daar een zoon des vredes is, dan zal uw vrede op hem rusten, maar zo niet, dan zal hij tot u terugkeren. Blijft in dat huis, eet en drinkt wat men u geeft, want de arbeider is zijn loon waard. Gaat niet van het ene huis naar het andere. En als gij in een stad komt, waar men u ontvangt, eet wat u wordt voorgezet, en geneest de zieken, die er zijn, en zegt tot hen: Het Koninkrijk Gods is nabij u gekomen. Maar als gij in een stad komt, waar men u niet ontvangt, gaat naar buiten op haar straten en zegt: Ook het stof van uw stad, dat aan onze voeten kleeft wissen wij af tegen u; doch weet dit, dat het Koninkrijk Gods nabijgekomen is. Ik zeg u, dat het voor Sodom in die dag draaglijker zal zijn dan voor die stad. Wee u, Chorazin, wee u, Betsaida, want indien in Tyrus en Sidon die krachten waren geschied, welke in u geschied zijn, reeds lang zouden zij, in zak en as gezeten, zich bekeerd hebben. Doch het zal voor Tyrus en Sidon draaglijker zijn in het oordeel dan voor u. En gij, Kafarnaum, zult gij tot de hemel verheven worden? Tot het dodenrijk zult gij nederdalen. Wie naar u hoort, hoort naar Mij; en wie u verwerpt, verwerpt Mij; en wie Mij verwerpt, verwerpt Hem, die Mij gezonden heeft. En de [tweeen] zeventig zijn teruggekeerd met blijdschap en zeiden: Here, ook de boze geesten onderwerpen zich aan ons in uw naam. En Hij zeide tot hen: Ik zag de satan als een bliksem uit de hemel vallen. Zie, Ik heb u macht gegeven om op slangen en schorpioenen te treden en tegen de gehele legermacht van de vijand; en niets zal u enig kwaad doen. Evenwel, verheugt u niet hierover, dat de geesten zich aan u onderwerpen, maar verheugt u, dat uw namen staan opgetekend in de hemelen."

"Daarna stelde de Heer tweeŰnzeventig anderen aan, die hij twee aan twee voor zich uit zond naar iedere stad en plaats waar hij van plan was heen te gaan. Hij zei tegen hen: 'De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig; vraag dus de eigenaar van de oogst of hij arbeiders wil sturen om de oogst binnen te halen. Ga op weg, en bedenk wel: ik zend jullie als lammeren onder de wolven. Neem geen geldbuidel, geen reistas en geen sandalen mee, en groet onderweg niemand. Als jullie een huis binnengaan, zeg dan eerst: "Vrede voor dit huis!" Als er een vredelievend mens woont, zal jullie vrede met hem zijn; zo niet, dan zal die vrede bij je terugkeren. Blijf in dat huis, en eet en drink wat men je aanbiedt, want de arbeider is zijn loon waard. Ga niet van het ene huis naar het andere. En als jullie een stad binnengaan en daar welkom zijn, eet dan wat je wordt voorgezet, genees de zieken die er zijn en zeg tegen hen: "Het koninkrijk van God heeft jullie bereikt." Maar als jullie een stad binnengaan waar je niet welkom bent, trek dan door de straten en zeg: "Zelfs het stof van uw stad dat aan onze voeten kleeft, vegen we van ons af als aanklacht tegen u; maar bedenk wel: het koninkrijk van God is nabij!" Ik zeg jullie: het lot van Sodom zal op die dag draaglijker zijn dan het lot van die stad. Wee Chorazin, wee Betsa´da, want als in Tyrus en Sidon de wonderen waren gebeurd die bij jullie gebeurd zijn, zouden de inwoners van die steden zich allang in een boetekleed hebben gehuld en met stof op hun hoofd tot inkeer gekomen zijn. Wanneer het oordeel komt, zal het lot van Tyrus en Sidon draaglijker zijn dan dat van jullie. En jij, KafarnaŘm, je denkt toch niet dat je tot in de hemel zult worden verheven? In het diepst van het dodenrijk zul je afdalen! Wie naar jullie luistert, luistert naar mij, en wie jullie afwijst, wijst mij af. En wie mij afwijst, wijst hem af die mij gezonden heeft.' De tweeŰnzeventig keerden vol vreugde terug en zeiden: 'Heer, zelfs de demonen onderwerpen zich aan ons bij het horen van uw naam.' Hij zei tegen hen: 'Ik heb Satan als een lichtflits uit de hemel zien vallen! Bedenk wel: ik heb jullie de macht gegeven om slangen en schorpioenen te vertrappen en om de kracht van de vijand te breken, zodat niets jullie kan schaden. Verheug je er echter niet over dat de geesten zich aan jullie onderwerpen, maar verheug je omdat jullie naam in de hemel opgetekend is.'"

"Jezus wees nog zeventig andere discipelen aan. Hij stuurde hen twee aan twee vooruit naar de dorpen en steden waar Hij langs zou komen. Hij zei tegen hen: "Vraag God meer arbeiders te sturen om de oogst binnen te halen. Want de oogst is groot, maar er zijn te weinig arbeiders. Ga dan en vergeet niet dat Ik jullie er op uitstuur als lammeren tussen de wolven. Neem geen geld mee, geen tas en zelfs geen extra schoenen. Ga recht op je doel af. Breng vrede in elk huis dat je binnengaat. Woont daar een vredelievend man, dan zal je vrede over hem komen. Zo niet, dan komt die vrede bij je terug. Wanneer je in een dorp komt, ga dan niet van het ene adres naar het andere. Blijf logeren in hetzelfde huis en eet en drink wat je wordt voorgezet. Geniet gerust van de gastvrijheid. Een arbeider moet zijn loon hebben. Als jullie in een stad gastvrij worden ontvangen, moet je dit doen: Eet zonder bezwaar wat je wordt voorgezet. Genees de zieken. En zeg tegen de mensen dat het Koninkrijk van God heel dichtbij is gekomen. Maar als ze in een stad niets van jullie willen weten, ga dan door de straten en zeg: 'Kijk, dit is stof van jullie stad! Wij schudden het van onze voeten! Het is afgelopen met jullie! Vergeet nooit hoe dicht het Koninkrijk van God bij jullie is geweest!' Op de vreselijke dag van het grote oordeel zal het voor zo'n stad erger zijn dan voor het beruchte Sodom. Och Chorazin! Och Bethsa´da! Hoe verschrikkelijk is het! Want als de steden Tyrus en Sidon de geweldige wonderen hadden gezien die Ik bij u heb gedaan, dan zouden zij zich allang van de zonde hebben afgekeerd. Van berouw over hun slechte leven zouden zij in zak en as zitten. Nee, voor Tyrus en Sidon zal het op de dag van het grote oordeel niet zo zwaar zijn als voor u. En wat moet Ik van KapernaŘm zeggen? Zal het worden verheerlijkt tot in de hemel? Nee, het zal worden vernederd tot in de dood." Tegen Zijn discipelen zei Hij: "Wie naar jullie luistert, hoort Mij. Wie jullie negeert, negeert Mij. En wie Mij negeert, negeert God Die Mij heeft gestuurd." Na verloop van tijd kwamen de zeventig discipelen weer bij Hem terug. "Here," zeiden zij opgetogen, "als wij Uw naam gebruiken, doen zelfs de boze geesten wat wij zeggen!" Hij antwoordde: "Ik zag satan als een bliksemschicht uit de hemel vallen. Ik heb jullie macht gegeven over al de krachten van de vijand. Jullie zullen slangen en schorpioenen vertrappen. Niets, werkelijk niets, zal jullie kwaad doen. Maar het belangrijkste is niet dat de boze geesten doen wat jullie zeggen. Waar jullie vooral blij om moeten zijn, is dat jullie namen in de hemel geregistreerd staan."

 

Lees deze Wat Jezus deed in:
- Engels

 

Vorige Wat Jezus Deed

26 juni 2019 Lukas 10:1
25 juni 2019 Lukas 9:61-62
24 juni 2019 Lukas 9:59-60
23 juni 2019 Lukas 9:57-58
22 juni 2019 Lukas 9:51-56
21 juni 2019 Lukas 9:49-50
20 juni 2019 Lukas 9:47-48
 

Home